Een overwinning in de Formule 1 levert in 2025 nog altijd 25 punten op, maar het bonuspunt voor de snelste ronde verdwijnt. Dat is een van de belangrijkste wijzigingen in de puntentelling in de Formule 1, die al sinds 2010 in grote lijnen hetzelfde is.
Met zes sprintweekenden en nieuwe regels voor verkorte races is het systeem toch dynamischer dan ooit. Sinds 2010 krijgen de top tien coureurs punten na een race. De winnaar pakt 25 punten, nummer twee 18 en nummer drie 15.
De verdeling loopt af tot 1 punt voor de tiende plaats. Vanaf 2025 wordt er gesproken over een mogelijke uitbreiding naar punten voor plek 11 en 12, maar dat is nog niet definitief.
| Positie | Punten (Grand Prix) |
|---|---|
| 1 | 25 |
| 2 | 18 |
| 3 | 15 |
| 4 | 12 |
| 5 | 10 |
| 6 | 8 |
| 7 | 6 |
| 8 | 4 |
| 9 | 2 |
| 10 | 1 |
Het schrappen van het snelste ronde-punt is bedoeld om de focus weer volledig op de race zelf te leggen
Tussen 2019 en 2024 konden coureurs één extra punt verdienen door de snelste ronde te rijden, mits ze in de top tien eindigden. Vanaf 2025 is dit bonuspunt afgeschaft, omdat teams het strategisch gebruikten zonder dat het veel toevoegde aan de sportieve strijd.
Sprintweekenden en hun puntentelling
In 2025 zijn er zes sprintweekenden: in China, Miami, België, Austin, Brazilië en Qatar. De sprint is een kortere race op zaterdag, met aparte punten voor de top acht.
| Positie | Punten (Sprint) |
|---|---|
| 1 | 8 |
| 2 | 7 |
| 3 | 6 |
| 4 | 5 |
| 5 | 4 |
| 6 | 3 |
| 7 | 2 |
| 8 | 1 |
Sprintpunten tellen mee voor zowel het coureurs- als het constructeurskampioenschap, waardoor een goed sprintresultaat extra belangrijk kan zijn voor de eindstand.
Volledige punten worden alleen uitgedeeld als minstens 75% van de raceafstand wordt gereden. Bij kortere races door regen, crashes of rode vlaggen worden halve punten toegekend volgens een vast schema.
Dit voorkomt dat een coureur door een kortstondige race evenveel punten zou pakken als iemand die een volledige strijd heeft uitgevochten.
Alle punten die een coureur behaalt – uit zowel Grand Prix als sprint – tellen op voor het wereldkampioenschap voor coureurs. De punten van beide coureurs in een team worden samengeteld voor het constructeurskampioenschap.
Maximaal kan één coureur in een normaal raceweekend 25 punten scoren (Grand Prix-zege), of 33 in een sprintweekend (25 + 8). Voor een team kan dit oplopen tot 43 punten in een Grand Prix zonder sprint, of 51 in een sprintweekend.