De geruchtenmachine draaide al op volle toeren, maar Honda trekt nu zelf aan de noodrem. Terwijl sommige verhalen suggereerden dat de Japanse fabrikant een voorsprong heeft richting 2026, klinkt intern een veel voorzichtiger toon over de nieuwe Formule 1-powerunit.
Die boodschap komt rechtstreeks van Koji Watanabe, die openlijk toegeeft dat Honda nog met flinke uitdagingen kampt. Het beeld van een dominante motor wordt daarmee bewust bijgesteld.
De reglementswijzigingen van 2026 luiden een compleet nieuw hoofdstuk in voor Aston Martin. Naast de algemene technische reset op de grid, krijgt het team uit Silverstone voor het eerst Honda-powerunits in de auto’s.
Het is een samenwerking met grote ambities, maar ook met duidelijke risico’s. Honda moet niet alleen een compleet nieuwe powerunit opleveren, maar die ook perfect laten aansluiten op een team dat nog nooit met Japanse motoren heeft gewerkt.
Voor Aston Martin betekent dit dat chassis, aerodynamica en powerunit tegelijk moeten samensmelten in een nieuw concept. Dat vraagt tijd, precisie en vooral betrouwbaarheid.
Fernando Alonso kent Honda maar al te goed
Voor Fernando Alonso is Honda geen onbekende naam. De Spanjaard reed tijdens zijn tweede periode bij McLaren met Honda-motoren, en die herinneringen zijn allesbehalve warm.
In 2015 ging Alonso zelfs zo ver dat hij Honda publiekelijk vernederde tijdens hun thuisrace. Hij vergeleek de motor toen met die van een Formule 2-auto, een uitspraak die wereldwijd werd opgepikt en diep insloeg bij de fabrikant.
Die geschiedenis hangt nog altijd als een schaduw boven de nieuwe samenwerking, zeker nu Alonso duidelijk heeft gemaakt dat hij zijn carrière niet wil afsluiten in de middenmoot.
Alonso heeft al laten doorschemeren dat hij opnieuw aan de voorkant wil strijden, met het oog op een mogelijk afscheid aan het einde van 2026. Dat zet extra druk op zowel Aston Martin als Honda om snel competitief te zijn.
Tegelijkertijd probeert Honda de verwachtingen bewust te temperen. Het team wil voorkomen dat een te rooskleurig beeld later omslaat in teleurstelling. Die balans tussen ambitie en realisme klinkt duidelijk door in de woorden van Watanabe.
In een interview met het Japanse medium Sportiva veegde Watanabe de claims over Honda-dominantie resoluut van tafel. Hij schetste een genuanceerd, maar eerlijk beeld van de huidige stand van zaken.
“Er circuleren tegenstrijdige verhalen. Sommigen zeggen dat alleen Mercedes-AMG goed bezig is, anderen dat Mercedes-AMG en Honda voorliggen, en weer anderen dat meerdere fabrikanten worstelen.”
“Eerlijk gezegd gaat niet alles goed. We hebben moeite op meerdere gebieden, maar er is niets fataals gebeurd waar we niet meer uit kunnen komen.”
Die woorden maken duidelijk dat Honda nog volop in ontwikkeling zit, zonder garanties op directe successen.
Focus op verbetering en betrouwbaarheid
Volgens Watanabe ligt de prioriteit nu bij het stap voor stap verbeteren van prestaties en betrouwbaarheid. Honda werkt daarbij bewust buiten de schijnwerpers, zonder grote uitspraken richting de concurrentie.
“Te midden van dit alles concentreren we ons rustig op het verbeteren van prestaties en betrouwbaarheid.”
Dat betekent dat de motor niet alleen snel moet zijn, maar ook stabiel genoeg om een volledig seizoen te overleven onder de nieuwe regels. Een extra factor in dit verhaal is Adrian Newey, die zich in 2025 bij Aston Martin aansloot.
Zijn visie op aerodynamica speelt een grote rol in hoe de auto voor 2026 wordt vormgegeven. Honda beseft dat de powerunit moet passen binnen dat bredere ontwerpplaatje. De motor moet niet los worden gezien, maar als integraal onderdeel van Neweys totale concept.
“Omdat Aston Martin auto’s wil blijven bouwen die Adrian Neweys visie weerspiegelen, is de volgende stap uitzoeken hoe we de powerunit daarop aanpassen.”
Honda toont zich daarbij opvallend flexibel. Als aanpassingen nodig zijn om de concurrentiekracht te vergroten en races te winnen, staat de fabrikant daar volgens Watanabe voor open.
“Als dat ons helpt competitiever te worden en te winnen, dan zijn we bereid dat te doen.”
Die houding laat zien dat Honda geleerd heeft van eerdere F1-avonturen, waarin star vasthouden aan keuzes vaak tot problemen leidde.