In München zette Audi deze week officieel de toon voor zijn toetreding tot de Formule 1 in 2026.
Tijdens een groots lanceerevenement presenteerde het merk zijn eerste conceptauto, compleet met nieuwe livery, managementstructuur en een ambitieus plan om binnen vijf jaar mee te doen om de wereldtitel. De onthulling liet zien dat Audi niet komt om mee te rijden, maar om te winnen.
Het evenement bracht topfiguren samen als CEO Gernot Döllner, technisch directeur Mattia Binotto, teambaas Jonathan Wheatley en de coureurs Nico Hülkenberg en Gabriel Bortoleto.
Achter de presentatie zat een duidelijke strategie: Audi wil zich diep verankeren in de Formule 1 en mikt op titels vóór 2030. Audi beschouwt zijn Formule 1-deelname als een langetermijnproject.
CEO Gernot Döllner gaf aan dat de eerste jaren vooral in het teken staan van leren en groeien. In 2026 en 2027 wil Audi als uitdager opereren, om vanaf 2028 een serieuze concurrent te worden en vanaf 2030 te vechten voor kampioenschappen.
Die aanpak weerspiegelt het realisme én de ambitie van het merk. De investering in de sport is enorm, en Audi heeft duidelijk gemaakt dat het niet zit te wachten op plotselinge regelwijzigingen vanuit de FIA.
Stabiliteit in de regelgeving is cruciaal, vooral omdat het project afhankelijk is van jarenlange technische ontwikkeling.
Döllner benadrukte dat snelle aanpassingen aan de regels, zoals voorgesteld door FIA-president Mohammed Ben Sulayem, economisch onhaalbaar zijn. Audi wil bouwen op continuïteit, niet op chaos.
Volledige controle over chassis én motor
Een opvallende keuze van Audi is dat het zowel de motor als het chassis volledig in eigen huis ontwikkelt. De krachtbron wordt gebouwd in Neuburg, terwijl het chassis in Hinwil, Zwitserland — de thuisbasis van Sauber — wordt ontwikkeld.
Mattia Binotto, voormalig Ferrari-teambaas en nu hoofd van het Audi F1-project, noemde die dubbele verantwoordelijkheid essentieel voor succes. Volgens hem is volledige controle de enige manier om een competitief voordeel te behalen.
Het is een gewaagde stap. Vanaf dag één zal Audi de strijd aangaan met gevestigde namen als Mercedes, Ferrari en Honda. Toch ziet Binotto de complexiteit als een noodzakelijke uitdaging: voor Audi telt alleen winnen.
Toen Audi in 2022 besloot de Formule 1 in te stappen, was Döllner nog niet de CEO. Dat riep de vraag op of zijn enthousiasme even groot zou zijn als dat van zijn voorganger Markus Duesmann.
Zijn optreden in München liet daar geen twijfel over bestaan: de F1 is nu “mijn project”, verklaarde hij. Na zijn aantreden versnelde Döllner de overname van Sauber en haalde hij Qatar’s staatsinvesteringsfonds binnen als mede-investeerder.
Daarmee kreeg het project de financiële slagkracht die nodig is om een fabrieksteam op te bouwen. De nieuwe managementstructuur met Binotto en Wheatley aan het roer is daar het resultaat van.
De wederopstanding van Sauber in 2025 heeft Audi’s overgang naar de Formule 1 aanzienlijk versoepeld. Na een moeizaam 2024, waarin het team nauwelijks punten scoorde, kwam de ommekeer met Hülkenbergs podiumplaats op Silverstone.
Die prestaties hebben de moraal in Hinwil een enorme boost gegeven. Volgens teambaas Jonathan Wheatley heeft het team eindelijk weer vertrouwen gekregen.
De recente ontwikkeling van een compleet nieuwe auto voor Gabriel Bortoleto, in recordtijd gebouwd voor de Grand Prix van Brazilië, was daar het beste bewijs van.
De vooruitgang komt niet alleen door investeringen in technologie, maar vooral door een hernieuwd geloof in het eigen kunnen. Wheatley sprak over een team dat “weer durft te dromen”.
Een nieuwe identiteit: Audi’s designtaal domineert
De onthulling in München maakte één ding meteen duidelijk: het nieuwe team krijgt een onmiskenbare Audi-uitstraling. De zwart-zilveren conceptauto met rode accenten liet zien dat het merk kiest voor een sobere, industriële stijl die volledig past bij zijn DNA.
De kenmerkende felle groentinten van Sauber’s vorige sponsoren verdwijnen, net als de Kick- en Stake-branding. Ook het teamcomplex in Hinwil ondergaat een complete metamorfose met een nieuw personeelscampus en een moderne motorhome.
De coureurs blijven voorlopig dezelfde: Hülkenberg en Bortoleto vormen het duo voor 2026. Toch zal alles rondom hen — van kleding tot communicatie — onmiskenbaar Audi ademen. Audi beseft dat succes in de Formule 1 niet vanzelf komt.
Döllner maakte duidelijk dat de samenwerking met Binotto en Wheatley bedoeld is om het team maximale autonomie te geven. De fabriek in Neuburg ondersteunt op technologisch vlak, maar bemoeit zich niet met de dagelijkse F1-beslissingen.
Volgens Döllner kan Audi juist leren van de snelheid en efficiëntie waarmee Formule 1-teams opereren. Die kennis wil hij terugvertalen naar de seriewagens van Audi.
Andersom brengt het merk kennis over duurzaamheid, energie-efficiëntie en productieprocessen mee naar de sport. Vooral de overstap naar duurzame brandstoffen en de nieuwe powerunitregels maken het project aantrekkelijk.
Audi ziet daarin directe toepassingen voor zijn toekomstige elektrische en hybride modellen. De aanwezigheid van F1-baas Stefano Domenicali bij het evenement onderstreepte hoe belangrijk Audi’s komst is voor de sport.
F1 ziet in Audi niet alleen een technisch zwaargewicht, maar ook een merk dat kan helpen groeien in de cruciale Noord-Amerikaanse markt.