Fernando Alonso houdt zich naar buiten toe opvallend rustig, maar achter de schermen groeit de frustratie bij Aston Martin met de dag. Terwijl de resultaten uitblijven, stapelen de signalen van interne onrust zich op.
De Spanjaard begon het seizoen 2026 met twee uitvalbeurten op rij en een auto die nauwelijks onder controle te houden is. Wat op het eerste gezicht lijkt op geduld, blijkt intern een heel ander verhaal te zijn.
Aston Martin had gehoopt mee te doen om overwinningen onder de nieuwe regels, maar de realiteit is compleet anders. Het team vecht momenteel achterin het veld, zelfs met Cadillac. Fernando Alonso is één van de gezichten van die moeilijke start.
Hij viel in beide eerste races uit en kon in China niet verder komen dan een negentiende plaats in de kwalificatie. Dat resultaat kwam niet uit de lucht vallen. De auto presteert al sinds de wintertests ondermaats en kampt met grote betrouwbaarheidsproblemen.
De combinatie van gebrek aan snelheid en technische mankementen maakt het vrijwel onmogelijk om competitief te zijn. Tijdens de Chinese Grand Prix werd de ernst van de situatie duidelijk zichtbaar.
Alonso had zoveel last van vibraties dat hij herhaaldelijk zijn handen van het stuur moest halen. Dat gebeurde niet één keer, maar meerdere keren tijdens de race. Het was een poging om even verlichting te krijgen van de trillingen.
Beelden lieten zien hoe extreem de omstandigheden waren. Het is zeldzaam dat een coureur zo moet omgaan met zijn auto tijdens een Grand Prix.
Alsof dat nog niet genoeg was, leek Alonso zelfs te zwaaien naar Sergio Perez toen die hem met grote snelheid voorbijging. Dat moment onderstreepte hoe groot het verschil in tempo is. In de media blijft Alonso opvallend beheerst.
Hij kiest zijn woorden zorgvuldig en legt de focus op geduld. Na de race in China gaf hij aan dat Honda meer tijd nodig heeft. Daarmee schuift hij de verantwoordelijkheid deels richting de motorleverancier.
“We moeten Honda meer tijd geven.”
Aston Martin zelf gelooft dat het chassis van Adrian Newey tot de top vijf op de grid behoort. Daardoor ligt de nadruk intern sterk op de powerunit. Maar volgens journalist Ralf Bach speelt er achter de schermen iets anders.
Spanningen en kritiek binnen het team
Volgens Bach laat Alonso zijn frustratie intern wel degelijk zien. Hij beschrijft dat de coureur geraakt is door de situatie en dat dit invloed heeft op zijn gedrag binnen het team.
“Wat echt pijn doet, is zijn ziel.”
Die pijn zou zich vertalen in gedrag dat voor spanning zorgt.
“Ik heb gehoord dat hij opnieuw voor problemen zorgt binnen het team.”
Volgens dezelfde bron probeert Alonso het team extern te beschermen, maar legt hij intern extra druk op de organisatie.
“Naar buiten toe komt hij goed over en beschermt hij het team een beetje, maar intern zet hij er flink druk op.”
Dat kan volgens Bach een negatief effect hebben op de motivatie binnen het team. De reputatie van Alonso als lastige teamgenoot speelt opnieuw op. In zijn lange carrière van 24 seizoenen kwam hij vaker in conflict met teams en teamgenoten.
Een bekend voorbeeld is het seizoen 2007 bij McLaren. Daar voelde hij zich benadeeld ten opzichte van Lewis Hamilton. Ook zijn eerdere periode met Honda bij McLaren verliep moeizaam. Tijdens de Japanse GP van 2015 noemde hij de motor zelfs van GP2-niveau.
Bij Alpine ontstonden eveneens spanningen. Daar botste hij onder meer met Esteban Ocon, wat leidde tot incidenten zoals in Sao Paulo. Niet iedereen deelt het beeld van Alonso als probleemfactor.
Flavio Briatore, die hem begeleidde tijdens zijn wereldtitels in 2005 en 2006, noemt dat beeld onterecht. Hij stelt dat het label van ‘moeilijk te managen’ simpelweg niet klopt. Volgens hem wordt dat verhaal overdreven. Toch blijven de signalen van interne onrust terugkomen.
Zeker in een periode waarin resultaten uitblijven, worden die spanningen sneller zichtbaar. De combinatie van hoge verwachtingen en tegenvallende prestaties maakt de situatie extra gevoelig.
De frustratie van Alonso komt niet alleen voort uit 2026. Ook het seizoen 2025 verliep teleurstellend. Hij finishte vaak net buiten de punten en had te maken met meerdere uitvalbeurten.
Een voorbeeld is zijn elfde plaats in Las Vegas na diskwalificaties van anderen. Hij noemde dat seizoen zelf pijnlijk en keek vooral vooruit naar 2026 als moment van verandering.
“Ik kan niet wachten om afscheid te nemen van de AMR25.”
De komst van Adrian Newey en een nieuwe Honda-motor moest een keerpunt worden. De verwachtingen voor 2026 waren hoog. Alonso zag het als zijn laatste kans om nog eens voor overwinningen of een titel te vechten.
“Dit is mijn laatste kans voor een Grand Prix-zege of titelgevecht.”
Maar de start van het seizoen laat een ander beeld zien. De auto is traag, vooral in de bochten, waar een verschil van ongeveer 50 km/u is gemeten. Daarnaast liep het team door windtunnelvertragingen vier maanden achter in de ontwikkeling.
Alonso blijft naar buiten toe voorzichtig.
“Het is moeilijk te zeggen hoe ver we achterlopen, maar optimalisatie kan seconden opleveren.”
De situatie richting 2027 blijft onduidelijk. Er zijn signalen dat stabiliteit met Newey een kans kan bieden, maar zekerheid is er niet. Alonso hintte zelf al op een mogelijk afscheid als de auto in 2026 competitief blijkt.
“Als de auto goed is, is 2026 waarschijnlijk mijn laatste jaar.”
Tegelijk is er ook een scenario waarin hij langer doorgaat als de prestaties tegenvallen en er nog perspectief is.