De Formule 1 staat midden in een verhitte discussie over de lengte van haar races. Stefano Domenicali, de CEO van de sport, voelt zich genoodzaakt zijn woorden recht te zetten na ophef over een vermeende suggestie om de raceafstand te verkorten.
Zijn boodschap: niets ligt vast, maar elke optie moet onderzocht worden. De oud-teambaas van Ferrari zei eerder dat F1 aantrekkelijker moet worden voor jongere fans, omdat volledige races “misschien te lang zijn voor jonge kijkers”.
Dat leidde tot speculatie dat het verkorten van de traditionele 305 kilometer lange raceafstand een serieus plan was. Domenicali reageerde snel: hij wil de discussie voeren, maar benadrukt dat hij nooit pleitte voor kortere races.
In een recent interview liet Domenicali weten dat de Formule 1 constant moet vernieuwen. Promotors en fans vragen volgens hem om actie en spanning, iets wat onderstreept wordt door interne onderzoeken.
Daaruit zou blijken dat een groot deel van het publiek vooral de hoogtepunten wil zien en dat volledige races vaak als te lang ervaren worden.
“Ik heb nooit gezegd dat we de afstand van de race moeten inkorten. Wat ik bedoel is dat de spanningsboog van mensen tegenwoordig kort is. We moeten aantrekkelijk blijven. We moeten begrijpen of het format van racen het juiste is of niet. Het kan langer zijn of korter. Elk idee moet overwogen worden.”
Zijn woorden werden door velen geïnterpreteerd als een signaal dat de raceafstand verkort zou worden. Maar Domenicali benadrukt dat het slechts ging om het onderzoeken van mogelijkheden, niet om een vaststaand plan.
Wat fans en coureurs vinden
Niet iedereen reageerde positief op de eerdere uitspraken. Sommige coureurs stonden open voor het idee om nieuwe formats te verkennen, maar anderen waren uitgesproken tegen. Max Verstappen liet weten weinig te voelen voor kortere races en verwees naar zichzelf als “meer een traditioneel type”.
Ondertussen wezen critici erop dat de lengte van een race niet de kern van het probleem is. De Italiaanse Grand Prix werd genoemd als voorbeeld: ondanks de volle raceafstand wist die race het publiek uitstekend te boeien.
Daarmee werd duidelijk dat spanning en spektakel vooral afhangen van het verloop op de baan, niet van de duur van het evenement. Op dit moment gelden er duidelijke afspraken over de raceafstand.
Formule 1-races zijn vastgelegd op een afstand van ongeveer 305 kilometer, waarbij het aantal ronden per circuit varieert afhankelijk van de lengte van de baan. Er is slechts één uitzondering: de Grand Prix van Monaco.
Die wordt verreden over 260 kilometer, verdeeld over 78 ronden, omdat de nauwe straten en het lage gemiddelde tempo van de race een langere afstand onpraktisch zouden maken.
Domenicali’s verduidelijking verandert daar niets aan. Voorlopig blijft de standaardafstand de norm, maar de discussie over het format van de Formule 1 is nog lang niet gesloten.
De kern van Domenicali’s boodschap is dat de sport flexibel moet blijven. Volgens hem vragen zowel organisatoren als fans om meer actie en minder dode momenten.
Vrije trainingen zouden minder interessant zijn voor het grote publiek, terwijl samenvattingen en hoogtepunten juist bijzonder goed bekeken worden.