Drie jaar werk, talloze simulaties en ontelbare testuren in het lab komen in 2026 eindelijk samen op het asfalt. Ford bevestigt dat Red Bulls gloednieuwe powerunit “op schema” ligt voor de eerste tests in Barcelona, maar geeft toe dat er “altijd wat zenuwen” blijven voor het moment dat de motor daadwerkelijk het circuit opgaat.
Na een succesvolle periode met Honda, waarin Red Bull vier coureurstitels en twee constructeurstitels binnenhaalde, slaat het team nu een volledig nieuwe weg in. Voor het eerst in zijn geschiedenis ontwikkelt Red Bull een eigen motor — in samenwerking met Ford.
De overstap naar een eigen motorproject is een cruciaal moment voor Red Bull Racing. Waar Honda jarenlang de basis vormde van het succes, vertrouwt het team nu op zijn eigen fabriek in Milton Keynes.
Daar werken tientallen ingenieurs samen met Ford aan de 2026-powerunit die volledig voldoet aan het nieuwe hybride reglement.
Volgens Ford Performance-directeur Mark Rushbrook is de voortgang goed, al blijft de vergelijking met Toto Wolffs woorden — dat Red Bull “Mount Everest te beklimmen” heeft — hem niet koud laten.
“We liggen op schema, waar we moeten zijn,” zei Rushbrook. “Maar het echte oordeel komt pas zodra de motor in de auto zit en op het circuit draait.”
De eerste grote test vindt plaats in Barcelona, tijdens de wintertests die dit keer volledig achter gesloten deuren worden gehouden. Voor Ford wordt dat hét moment van de waarheid.
Nervositeit voor de eerste meters
Rushbrook gaf toe dat zelfs met moderne simulaties en uitgebreide labtesten er niets opweegt tegen het moment dat de motor voor het eerst wordt gestart op de baan.
“Onze computertools zijn fantastisch voor ontwerp en ontwikkeling, maar je hebt pas echt het complete beeld als je het geheel op een echt circuit test. Er is altijd een zekere mate van nervositeit of anticipatie als er een nieuwe auto of motor op de baan verschijnt.”
De afgelopen drie jaar werd het ontwikkelingsproces stap voor stap opgebouwd. Eerst lag de focus op het verhogen van het vermogen, daarna op betrouwbaarheid.
Pas toen beide doelen waren bereikt, begon het team opnieuw aan de zoektocht naar extra performance. Sinds kort is er een nieuw aandachtspunt bijgekomen: rijdbaarheid.
Hoe voelt de motor aan voor de coureur, en hoe natuurlijk laat het vermogen zich doseren? Rushbrook noemt het “de laatste verflaag” van het project — een samenspel van software, kalibratie en menselijke feedback.
De vraag is of Red Bull-Ford hun eigen lat hoog genoeg heeft gelegd. Volgens Rushbrook zijn de interne doelen gehaald, maar niemand weet wat de concurrentie doet. Ferrari, Mercedes en Honda werken in stilte aan hun eigen interpretatie van de 2026-regels.
“Iedereen baseert zijn doelen op dezelfde natuurkundige principes. De regels zijn voor iedereen gelijk, dus in theorie berekent elk team wat maximaal haalbaar is. De vraag is alleen: wie komt er het dichtst bij dat optimum?”
Binnen Red Bull is men zich ervan bewust dat er mogelijk een kleine achterstand is op ervaren motorbouwers. Toch denkt Rushbrook dat die kloof minimaal zal zijn.
“Ja, de gevestigde merken hebben meer ervaring, maar de regels zijn nieuw voor iedereen. Wij hebben een sterk team samengesteld met mensen uit verschillende programma’s.
Zelfs als we iets achterlopen met de verbrandingsmotor, maken we dat goed op andere vlakken.”
Nieuwe regels, nieuwe veiligheidssystemen
Een belangrijk verschil met eerdere reglementswijzigingen is dat de FIA dit keer een vangnet heeft ingebouwd. Het zogeheten ADUO-systeem (Additional Development and Upgrade Opportunities) moet voorkomen dat één fabrikant jarenlang de rest domineert — zoals Mercedes deed na 2014.
Het systeem werkt met drie meetmomenten per seizoen. Na elke zes races vergelijkt de FIA de vermogenscijfers van alle motoren. Teams die 2 tot 4 procent achterliggen, krijgen één extra upgrade.
Fabrikanten die meer dan 4 procent tekortkomen, mogen zelfs twee keer doorontwikkelen. Rushbrook noemt die aanpak “de juiste stap voor de sport”:
“Iedereen moet een kans hebben om competitief te blijven. Door die regels kunnen achterblijvers zich herpakken zonder dat het competitievervalsing wordt.”
Volgens hem is dit geen Balance of Performance zoals in andere autosportklassen, maar een manier om eerlijke technische ontwikkeling te stimuleren. “In sportscar-racing werkt BoP, maar in de Formule 1 draait het om techniek. Dat blijft zo.”
In Milton Keynes wordt intussen gewerkt aan de laatste fase voor de test in Barcelona. Daar moet blijken of drie jaar theorie, simulatie en software werkelijkheid kunnen worden.
Rushbrook blijft realistisch maar optimistisch. “Wat Toto Wolff zei, klopt — dit is een enorme uitdaging. Maar we hebben mensen samengebracht uit verschillende programma’s, en dat geeft vertrouwen. We denken dat we goed staan.”
De wintertest in Spanje wordt daarmee niet alleen een technische mijlpaal, maar ook het moment waarop de wereld voor het eerst hoort hoe de Red Bull-Ford powerunit écht klinkt.