Max Verstappen behaalde een derde plaats tijdens de Grand Prix van België op Circuit de Spa-Francorchamps. Dit resultaat markeerde tevens het 300e podium in de historie van Red Bull Racing.
Ondanks deze mijlpaal en een ‘solide middag’ toonde Verstappen zich kritisch over de prestaties van de RB22.
De Nederlander gaf aan dat hij op de harde banden niet goed kon pushen. Er was sprake van veel onderstuur, wat compensatie in rijstijl en stuurinstellingen vereiste.
Deze problemen belemmerden Verstappen om het tempo van winnaar Kimi Antonelli en Charles Leclerc te volgen.
Al eerder in het weekend, tijdens de tweede vrije training op vrijdag, uitte Verstappen zijn frustratie over de versnellingsbak. Hij sprak van ‘onacceptabele’ schakelmomenten, mogelijk veroorzaakt door een software-update of -downgrade.
Red Bull Racing was bovendien genoodzaakt om in België een oudere specificatie achtervleugel te gebruiken. De geüpgradede component had eerder crashes veroorzaakt in Oostenrijk en Groot-Brittannië.
De keuze voor de oudere vleugel betekende een gedwongen stap terug in pure prestaties.
Tijdens de race kampte Verstappen ook met energiebeheer. Een ‘lege accu’ kostte hem de leiding in de openingsronde op Kemmel Straight.
De RB22 kampt dit seizoen al langer met structurele problemen, waaronder overgewicht van 6-8 kilogram.
Daarnaast zijn er aanhoudende chassisproblemen en balansmoeilijkheden, vooral met de stabiliteit van de achterkant en onderstuur in bochten.
Team Principal Laurent Mekies, die midden 2025 Christian Horner opvolgde, erkende eerder dit jaar dat het team ‘worstelde’ om de auto te begrijpen.
Mekies had desondanks genoten van de Grand Prix van België.
De uitdaging voor Red Bull blijft om de RB22 te optimaliseren en Verstappen een auto te bieden waarmee hij consistent om overwinningen kan strijden.
Krijg als eerste toegang tot het laatste Formule 1-nieuws