Tot deze week leefde het idee dat Mercedes favoriet zou zijn in 2026 vooral op reputatie en gefluister. Wat het team in 2014 had gepresteerd en hoe positief de verhalen rond de voorbereiding waren, klonk logisch, maar bleef vaag.
In Barcelona werd dat vaagheid ingeruild voor feiten. Mercedes reed ronden, en nog meer ronden. Het bleef lopen, zonder zichtbare onderbrekingen of technische twijfel. Dat alleen al maakte indruk in een test die juist was afgeschermd om problemen te verbergen.
Daarbovenop kwamen de signalen over snelheid. Slechts een kleine groep mocht het circuit zien, zonder fans of media, maar de verhalen sijpelden door. Niet overdreven, niet opgeklopt, maar consequent positief.
Wat vooral opviel was hoe weinig moeite Mercedes deed om optimisme te verbergen. Zelfs in zorgvuldig geknipte interviews klonk vertrouwen door. Toen McLaren sprak over rivalen die de lat hoog legden, wist iedereen wie daarmee werd bedoeld.
De dominantie van Mercedes leek het hele veld te overschaduwen. Tot de laatste dag. Toen zette Ferrari ineens de snelste tijd neer en maakte het duidelijk hoe relatief testtijden zijn.
Het team zat al dicht bij het kilometrage van Mercedes en draaide de hele week zonder noemenswaardige problemen. De auto oogde compleet, zonder zichtbare zwakke plekken, los van het bekende verhaal rond de compressieverhouding van de motor.
De snelste tijd, gereden door Lewis Hamilton, was vooral symbolisch. Ferrari had zich al ontpopt als ‘stille kracht’ van de test. De toptijd was de bevestiging.
Ferrari sloeg het testweekend niet aan diggelen zoals Mercedes dat deed, en mogelijk hield Mercedes nog iets achter. Maar het doel is races en kampioenschappen winnen, niet tests domineren. Ferrari begon die missie degelijk en gecontroleerd.
Williams ontbreekt volledig
De uitleg van teambaas James Vowles over het missen van de test klonk rationeel. Virtuele tests moesten de schade beperken en er komt later dit jaar nog genoeg testtijd. Op papier klopt dat.
Maar in de context van alles wat Williams de afgelopen jaren heeft gezegd, voelde het verkeerd. De hele herstructurering was gericht op 2026. Ontwikkeling van 2025 werd bewust geparkeerd om hier te schitteren.
Juist daarom was de afwezigheid zo pijnlijk. Als er één team was dat je als eerste uit de pitstraat had verwacht in Barcelona, dan was het Williams. En het was er niet. Dat maakte indruk. Niet technisch, maar symbolisch.
Het beeld botste met het verhaal dat Williams zelf had opgebouwd. Voor Red Bull Powertrains was deze test meer dan een shakedown. De powerunit moet zich bewijzen, zeker met het oog op contractuele flexibiliteit van Max Verstappen richting 2027.
Of de motor competitief is, weet niemand. Maar één ding werd duidelijk: hij is gezond. De motor liep probleemloos in zowel de Red Bull-auto als die van Racing Bulls, met kilometrages waar nieuwkomers als Audi en zelfs het laat gearriveerde Honda niet aan kwamen.
De coureurs waren positief. Concurrenten namen het waar. Dat gevoel kan later omslaan, maar het signaal was helder: Red Bull is er klaar voor. Voor Audi was de test een leerproces met haperingen.
Slechts 27 ronden op de eerste dag was weinig, zeker toen Nico Hülkenberg vroeg stilviel door een hydraulisch lek. Daarna ging het beter. Op de laatste dag reed Audi 145 ronden en ontliep het rampscenario.
Technisch directeur James Key gaf aan dat foutloos draaien vanaf het begin een “zeer aangename verrassing” zou zijn geweest. Toch blijft het beeld gemengd. Audi wilde er staan, was er vroeg bij, maar verloor kostbare tijd. Elke ronde telt, en op dat vlak staat Audi achter op de andere fabrikanten.
Niet alleen Mercedes profiteerde. Vrijwel elk team verliet Barcelona met opluchting. Er was meer onzekerheid dan de afgelopen jaren, en er waren rode vlaggen op dag één, maar geen enkele crisis.
Andrew Shovlin van Mercedes sprak over meer ‘jeopardy’, maar dat bleef beheersbaar. De angst voor een herhaling van 2014 bleek ongegrond.
Toen reden acht teams samen 93 ronden op dag één in Jerez. In Barcelona reden zeven teams dit jaar al 631 ronden op de eerste dag. Dat verschil sprak boekdelen.