Na de teleurstellende Grand Prix van Miami staat Ferrari nog altijd tweede in het constructeurskampioenschap met 110 punten, maar de stemming rond het team sloeg in één weekend volledig om.
De upgrades aan de SF-26 moesten Ferrari dichter bij Mercedes brengen, alleen gebeurde precies het tegenovergestelde. Het weekend in Miami begon nog hoopvol voor Ferrari.
De SF-26 liet op bepaalde delen van het circuit sterke snelheid zien, vooral in de bochten, waar meerdere analisten dachten dat Ferrari zelfs de beste auto van het veld had. Toch eindigde het weekend zonder podiumplaats.
Voor het eerst dit seizoen stond Ferrari niet bij de top drie. Lewis Hamilton finishte als zesde, terwijl Charles Leclerc terugviel naar P8 nadat hij een tijdstraf van twintig seconden kreeg wegens het overschrijden van track limits.
Dat resultaat deed extra pijn omdat Ferrari liefst elf upgrades meenam naar Miami. Het team werkte zichtbaar hard aan de SF-26, maar slaagde er niet in om het maximale uit het pakket te halen.
Juist dat noemt Brundle inmiddels een terugkerende Ferrari-gewoonte. De Britse analist zag hoe Leclerc in de openingsfase zelfs even aan de leiding reed.
Ferrari haalde hem vervolgens vroeg naar binnen zonder duidelijke communicatie, waarna hij direct werd undercut door concurrenten. Damon Hill noemde de boordradio’s van Leclerc later “verwarrend”, zeker nadat de Monegask spinde en schade opliep in de slotfase.
Brundle spaarde ook Hamilton niet. Ondanks schade aan zijn auto na een incident met Franco Colapinto vond hij de Brit “curiously uncompetitive” in Miami.
“Ze hebben de gewoonte om af en toe op hun eigen staart te trappen.”
Die uitspraak van Brundle vat volgens veel Ferrari-fans exact samen waar het telkens fout gaat. Volgens Brundle is Ferrari technisch gezien juist beter voorbereid op de nieuwe reglementen dan in eerdere jaren.
De SF-26 heeft een kleinere turbo die voor indrukwekkende starts zorgt, terwijl de auto in langzame en medium snelle bochten uitstekend presteert. Toch ontbreekt stabiliteit. Niet alleen technisch, maar vooral organisatorisch.
Brundle zei bij Sky Sports dat Ferrari de regels van 2026 “to an extent” heeft geaced, maar dat het team zichzelf vervolgens onderuit haalt met fouten. Hij wees daarbij niet naar Hamilton of Leclerc. Integendeel zelfs.
Brundle noemde Ferrari’s rijdersduo juist sterk genoeg om races én kampioenschappen te winnen.
De analist benadrukte dat Ferrari vooral last heeft van interne onrust. Strategische fouten, slechte timing tijdens races en emotionele reacties op tegenvallers blijven volgens hem terugkomen.
“If you can win races, you can win championships.”
Daar zit volgens Brundle precies de frustratie. Ferrari hééft een auto die races kan winnen, maar slaagt er niet in dat niveau consequent vast te houden. Hij verwees ook naar een oudere Ferrari-gewoonte waar Ross Brawn zich vroeger al aan ergerde.
Binnen Ferrari zouden belangrijke mensen dagelijks persknipsels lezen over de kritiek op het team. Volgens Brawn “scramblet” dat de hoofden van medewerkers en haalt het focus weg van het echte werk.
De powerunit blijft Ferrari achtervolgen in 2026
Naast de interne fouten blijft er ook een groot technisch probleem bestaan. Leclerc noemde de powerunit na de eerste races van 2026 zelfs de “main weakness” van Ferrari. Dat probleem kwam in Miami opnieuw boven water.
Verschillende analyses concludeerden dat Ferrari op rechte stukken vermogen tekortkomt tegenover Mercedes. Sommige schattingen spreken over een achterstand van twintig tot dertig pk.
Dat klinkt misschien klein, maar in Formule 1 kan zo’n verschil enorme gevolgen hebben. Afhankelijk van het circuit loopt het tijdverlies op tot ongeveer een halve seconde per ronde.
Ferrari’s batterijcompensatie lijkt bovendien onvoldoende te werken. De elektrische ondersteuning kan het gebrek aan acceleratie van de verbrandingsmotor niet volledig opvangen, waardoor Ferrari vooral uit langzame bochten tijd verliest.
Dat verklaart waarom de upgrades in Miami niet het gewenste effect hadden. Ferrari verbeterde onderdelen van de auto, maar loste het grootste probleem niet op. David Croft zei na afloop zelfs dat Ferrari “in trouble” zit.
Het verschil met Mercedes werd ondanks alle updates nauwelijks kleiner. Brundle ziet één groot verschil tussen teams die af en toe races winnen en teams die titels pakken. Volgens hem draait een kampioenschap uiteindelijk om herhaalbaarheid.
Ferrari toont snelheid, maar niet elke week. Soms klopt de strategie niet. Dan weer maakt een coureur een fout. Op andere momenten werkt een updatepakket niet zoals gehoopt.
Dat patroon zag Ferrari ook in eerdere seizoenen. Sinds de coureurstitel van 2007 en de constructeurstitel van 2008 slaagt het team er telkens niet in om een volledig seizoen stabiel genoeg te blijven.
De Brit waarschuwde Ferrari daarom al eerder om niet te reageren als een voetbalclub die na een paar slechte resultaten meteen “de manager en iedereen” ontslaat. Volgens hem vergroot dat juist de chaos binnen het team.
Opvallend genoeg ziet Brundle de huidige combinatie van Fred Vasseur, Hamilton en Leclerc juist als een sterke basis. Het probleem zit volgens hem niet bij individuen, maar bij de cultuur rondom druk en verwachtingen.