Liam Lawson heeft in 2025 nog geen punt gescoord. Zijn start bij Red Bull verloopt stroef en de reden ligt grotendeels bij een mismatch tussen zijn rijstijl en de eigenschappen van de RB21.
Lawson rijdt met veel inzet, remt laat, gooit zijn auto in de bocht en jaagt bij elke kans op een inhaalactie. Maar wat in DTM, Super Formula en zelfs bij AlphaTauri werkte, pakt nu compleet verkeerd uit in de Red Bull.
“Hij is te gretig op de rem, te scherp in de bocht en verbrandt zijn banden bij het uitkomen”.
De RB21 is ontworpen rond de voorkeuren van Max Verstappen. Die auto heeft weinig marge. De achterkant is los, de balans ligt op de neus, en de afstelling vereist een bijna klinische precisie in het rijden.
Lawson’s aanpak – veel snelheid mee de bocht in, hard remmen en scherp insturen – levert onderstuur op bij instuurmomenten en beschadigt de achterbanden bij het uitaccelereren.
Daarmee ontstaat een vicieuze cirkel: de grip verdwijnt, de prestaties zakken in en het vertrouwen verdwijnt nog sneller dan de rondetijd.
Tijdens kwalificaties wordt het probleem pijnlijk zichtbaar. Lawson heeft moeite met het op temperatuur brengen van de banden. Hij is te abrupt in zijn opwarmrondes, waardoor hij niet in het juiste raamwerk komt.
In bochten met lage snelheid verliest hij veel tijd. Daar waar Max de limiet opzoekt met minimale stuurinput, duwt Lawson het materiaal over de grens.
Achtergrond in juniorseries werkt nu tegen hem
Lawson’s rijstijl is gevormd door jaren racen in auto’s die juist baat hebben bij agressie. In Nieuw-Zeeland won hij 14 van de 15 races in zijn eerste formulejaar.
In Formule 4 en de Toyota Racing Series viel hij op door zijn aanvallende benadering en zijn vermogen om laat te remmen en laat af te draaien in bochten.
Dat werkte uitstekend in lichtere auto’s met eenvoudige aerodynamica en beperkte bandendegradatie.
Ook in DTM bewees hij zich als agressieve coureur. De zwaardere GT3-auto’s vroegen om hard remmen en directe actie, iets wat hem op het lijf geschreven was.
Daar kwam hij tot drie zeges en zeven podiumplaatsen. In Super Formula, waar de auto’s dichter bij F1 liggen, wist hij bij zijn debuut in Fuji te winnen – een unicum in 45 jaar.
Die ervaringen gaven hem vertrouwen, maar leerden hem niet de subtiliteit die een moderne Formule 1-auto vereist. Zeker niet eentje als de RB21, die in handen van Verstappen florissant functioneert, maar andere coureurs genadeloos afstraft voor elk foutje.
Analyse van rijgedrag wijst zwakke plekken aan
Uit GPS- en data-analyse blijkt waar Lawson zijn tijd verliest. Het begint al bij de instuurfase van langzame bochten. Hij remt te laat en probeert in één beweging snelheid én richting te combineren.
Daardoor komt hij wijd uit en verliest hij tractie. Die fouten zetten zich voort in het middendeel van de bocht, waar de RB21 het liefst strak en stabiel blijft. Lawson’s gewoontes uit eerdere raceklassen saboteren hem op deze momenten.
Ook zijn omgang met de banden levert problemen op. Zijn opwarmrondes zijn te agressief, waardoor de grip afneemt nog vóór het snelle rondje begint.
In races blijkt hij niet in staat om de banden binnen een stabiel temperatuurvenster te houden, wat leidt tot snellere slijtage en afnemende prestaties.
De engineers van Red Bull bevestigen dat het werkvenster van de RB21 extreem smal is. De auto is ontworpen om de input van Verstappen te maximaliseren: vloeiend, gecontroleerd, en met een perfecte balans tussen remmen en sturen.
Lawson’s stijl staat daar haaks op. Zijn agressie zorgt voor instabiliteit, vooral aan de achterkant.
De druk op Lawson neemt toe door de vergelijking met zijn voorgangers. Coureurs als Pierre Gasly, Alexander Albon en Sergio Pérez kwamen eerder ook tekort in auto’s die op Max zijn rijstijl zijn afgestemd.
De verwachting dat een jonge coureur als Lawson daar wél in zou slagen, lijkt onrealistisch.
Tijdens zijn invalbeurt in 2023 bij AlphaTauri maakte hij indruk. Hij scoorde punten in Singapore, hield Alex Albon achter zich in Monza en presteerde constant beter dan Yuki Tsunoda, op Qatar na.
Die auto had onderstuur en vroeg om hard remmen: precies wat Lawson lag. Nu, in een veel gevoeligere Red Bull, is dat voordeel verdwenen.
Het contrast met Verstappen is groot. Max bouwt zijn rondes op met een constante flow. Hij stuurt vroeg in, gebruikt minimale stuurinput en bewaart zijn banden zonder snelheid te verliezen. Lawson’s stijl levert onbalans op.
Hij verliest het meeste tijd bij het uitkomen van bochten, waar hij te vroeg op het gas gaat en de achterbanden ruïneert.
Tijd en aanpassing zijn schaars – maar noodzakelijk
Lawson weet dat zijn tijd beperkt is. Red Bull verwacht prestaties en heeft in het verleden laten zien dat men niet wacht op ontwikkeling. De verwachtingen zijn direct.
Hij heeft het zelf erkend: “Je zou willen dat je zestig testdagen hebt, maar dat is niet zo.” Hij noemt het geen excuus, maar de realiteit van racen op het hoogste niveau.
“Ik wil gewoon vooraan rijden en ik blijf werken om dat te bereiken,” aldus Lawson.
Tijdens het raceweekend in China koos Red Bull ervoor om hem vanuit de pitstraat te laten starten met een alternatieve afstelling. Het doel was data verzamelen, niet presteren.
Toch gaf die kans inzicht: de radicale set-up werkte niet, de auto was trager en moeilijker te rijden. Lawson zelf gaf toe dat het “gewoon niet werkte.”
Het team benadrukt dat de RB21 gebouwd is voor maximale performance, niet om gemakkelijk te besturen te zijn. De focus ligt op prestaties, niet op comfort. Lawson moet dus zijn stijl aanpassen aan het materiaal, niet andersom.
“Snelle auto’s zijn nooit makkelijk te rijden,” verklaarde Christian Horner.
De vraag is of Lawson zich snel genoeg kan aanpassen. De potentie is er, dat bleek uit zijn eerdere prestaties. Maar in deze specifieke Red Bull, met zijn smalle marges en fragiele bandbehandeling, is een fundamentele herziening van zijn rijstijl nodig.