In 2025 duurt een Sprint Shootout soms maar acht minuten, en toch kan één fout daarin je hele weekend verpesten. Dit korte maar heftige kwalificatieformat is inmiddels een vast onderdeel van meerdere F1-weekenden geworden en maakt de zaterdag spannender dan ooit.
De sprint shootout is een speciale kwalificatiesessie die uitsluitend wordt gereden tijdens een sprintweekend, met als doel het bepalen van de startopstelling voor de sprintrace op zaterdag.
Het is dus géén vervanger van de gewone kwalificatie, die nog steeds de grid voor de Grand Prix op zondag bepaalt. Met kortere sessietijden, verplichte bandenkeuzes en weinig marge voor fouten, wordt elke seconde in deze shootout cruciaal.
De sprint shootout is een apart kwalificatiemoment dat op zaterdagochtend wordt verreden, los van de reguliere kwalificatie die later diezelfde dag plaatsvindt.
De uitslag van deze shootout bepaalt wie waar start in de sprintrace, die vervolgens op zaterdagmiddag wordt gereden. De uitslag van de sprintrace heeft sinds 2023/2024 geen invloed meer op de startopstelling voor zondag.
Het idee achter de sprint shootout is simpel: meer actie op meer dagen. In plaats van dat alleen de zaterdagmiddag en zondag tellen, wordt ook de zaterdagochtend spannend en relevant. Fans krijgen meer betekenisvolle sessies te zien en teams staan onder constante druk.
“De Sprint Shootout is een sessie waarin alles op het spel staat. Eén fout en je weekend kan in duigen vallen.”
Zo werkt de sprint shootout per ronde
De sprint shootout bestaat uit drie knock-outfases, net als de gewone kwalificatie, maar dan met kortere sessies. Hierdoor is er minder tijd om meerdere ronden te rijden en telt elk moment.
- SQ1: 12 minuten. Alle 20 coureurs mogen rijden. De vijf langzaamsten vallen af.
- SQ2: 10 minuten. De 15 overgebleven coureurs strijden om een plek bij de top 10. Opnieuw vallen de vijf langzaamsten af.
- SQ3: 8 minuten. De laatste 10 coureurs rijden voor pole position voor de sprintrace.
Omdat de sessies zo kort zijn, is er meestal maar tijd voor één vliegende ronde. Dat maakt fouten extra kostbaar.
“De kortere sessies zorgen voor extra druk. Er is vaak maar tijd voor één snelle ronde, dus fouten worden direct afgestraft.” — Red Bull Racing
Bandengebruik is streng gereguleerd tijdens deze shootout. In SQ1 en SQ2 moet een nieuwe set medium-banden gebruikt worden. In SQ3 zijn soft-banden verplicht, die nieuw of gebruikt mogen zijn (na een wijziging in 2023).

Deze regels zijn ingevoerd om teams op gelijke voet te laten starten en te voorkomen dat sommige coureurs in SQ3 niet meer kunnen rijden.
Bij nat weer mogen intermediates of regenbanden gebruikt worden. De bandendruk en temperatuur zijn dan nog belangrijker vanwege het beperkte aantal ronden dat gereden kan worden.
“De reden voor deze bandenregels is simpel: iedereen moet op gelijke voet starten, en het voorkomt dat coureurs in SQ3 niet kunnen rijden omdat ze geen nieuwe softs meer hebben.” — FIA via ScuderiaFans
Het effect van de sprint shootout op een GP-weekend
De introductie van de sprint shootout heeft het F1-weekend ingrijpend veranderd. Er is nu slechts één vrije training van een uur, meestal op vrijdagochtend. Daarna is het direct serieus: eerst de reguliere kwalificatie voor zondag (op vrijdagmiddag), gevolgd door de sprint shootout en sprintrace op zaterdag.
Teams mogen tussen de sprintrace en de gewone kwalificatie wél nog hun auto’s aanpassen, omdat er nu twee parc fermé-momenten zijn. Dat biedt meer flexibiliteit dan voorheen, maar ook risico: schade in de sprintrace kan je zondag verpesten.
De sprintrace zelf levert bovendien punten op voor de top acht: 8 voor de winnaar, aflopend tot 1 punt voor de nummer acht. Hierdoor telt elk detail in het weekend mee voor het kampioenschap.
“Sprintweekenden zijn onvoorspelbaar en belonen teams die snel kunnen schakelen. Het beperkt de data, verhoogt de druk en zorgt voor spektakel.”
In 2025 staan er zes sprintweekenden op de kalender: China, Miami, België, Austin, Brazilië en Qatar. De sprintrace zelf duurt gemiddeld 30 minuten en beslaat ongeveer een derde van de lengte van een Grand Prix. Elk team heeft in zo’n weekend 12 bandensets ter beschikking, tegenover 13 in een regulier weekend.
| Feit | Detail |
|---|---|
| Duur SQ1 | 12 minuten |
| Duur SQ2 | 10 minuten |
| Duur SQ3 | 8 minuten |
| Bandengebruik SQ1/SQ2 | Nieuwe mediums verplicht |
| Bandengebruik SQ3 | Softs, nieuw of gebruikt |
| Parc fermé | Twee momenten |
| Punten sprint | 8-7-6-5-4-3-2-1 (plaatsen 1 t/m 8) |