Terwijl de naam van Guillaume Rosso op papier slechts een vervanging lijkt, draait het in werkelijkheid om miljoenen, macht en de toekomst van het team.
Wat begon als een interne wijziging binnen Renault Group, legt nu opnieuw de focus op een gevoelige vraag: wie krijgt de controle over een stuk van Alpine? De verandering kwam formeel begin april.
Duncan Minto verliet het bestuur van het Alpine F1 Team en werd vervangen door Rosso, die binnen Renault verantwoordelijk is voor fusies en overnames. Op papier lijkt het een logische stap.
Minto kreeg vorig jaar promotie tot CFO van Renault Group en schuift daardoor door. Rosso, die pas sinds oktober bij Renault werkt, neemt het stokje over en voegt deze rol toe aan zijn bestaande functies.
Toch is de timing opvallend. Binnen de paddock wordt de benoeming direct gekoppeld aan lopende gesprekken rond investeerders en mogelijke verkoop van aandelen.
Een bron noemt de situatie zelfs “meer dan een routinewissel”, wat de nieuwsgierigheid alleen maar vergroot. Rosso komt niet uit de autosport. Hij bouwde zijn carrière op in venture-investeringen en strategisch bestuur.
Dat maakt zijn komst opvallend, juist op een moment dat Alpine niet alleen sportief, maar vooral financieel onder een vergrootglas ligt. Hij is ook managing director van Alliance Ventures, het investeringsplatform van de Renault-Nissan-Mitsubishi-alliantie.
Die rol vervult hij sinds november. Binnen Alpine betekent zijn aanwezigheid dat de nadruk verschuift. Minder focus op de dagelijkse racepraktijk, meer op eigendom, structuur en kapitaal.
Die verschuiving komt precies op het moment dat een minderheidsbelang van 24 procent mogelijk van eigenaar wisselt. Zoals een insider het omschrijft: “Dit gaat niet over racen, dit gaat over controle.”
“Dit gaat niet over racen, dit gaat over controle.”
De kern van het verhaal ligt bij Otro Capital. Deze investeringsgroep bezit sinds 2023 een belang van 24 procent in Alpine, gekocht voor ongeveer 200 miljoen euro. Destijds werd het team gewaardeerd op circa 900 miljoen dollar.
Inmiddels ligt die waardering volgens recente inschattingen tussen de 2 en 2,5 miljard dollar. Dat verschil maakt een mogelijke verkoop ineens extreem interessant. Otro onderzoekt opties om zijn belang te verkopen en probeert daarbij de maximale waarde eruit te halen.
Maar er zit een belangrijke beperking op. Door een lock-up periode kan het belang pas vrij worden verkocht vanaf september. Renault houdt bovendien controle. Het bedrijf heeft goedkeuringsrechten over elke mogelijke koper.
Grote namen tonen interesse
De interesse in het belang van Otro is groot. Mercedes-Benz AG wordt genoemd als serieuze kandidaat, met een bod rond de 500 miljoen dollar dat het team op 2,1 miljard waardeert. Daarnaast circuleren namen van andere investeerders.
Onder hen de Amerikaanse miljardair Steve Cohen, die volgens meerdere bronnen betrokken is bij gesprekken. Ook Christian Horner duikt op in de geruchten. Hij zou actief op zoek zijn naar een manier om terug te keren in de Formule 1, mogelijk via een aandeel in een team.
Volgens Flavio Briatore kijken meerdere partijen mee, en dat maakt de situatie complexer dan ooit. Hij noemt het een fase waarin “de discussie niet meer alleen sportief is”.
“De discussie is niet meer alleen sportief.”
De relatie tussen Alpine en Otro lijkt niet zonder wrijving. De relatief passieve houding van de investeerder zou intern voor irritatie zorgen. Dat voedt het idee dat Otro mogelijk eerder wil uitstappen dan oorspronkelijk gepland.
Officieel ligt de focus nog op september, maar achter de schermen speelt meer. Renault wil daarbij niet zomaar elke koper accepteren. Het bedrijf kijkt nadrukkelijk naar strategische aansluiting met de lange termijn van het team.
Dat maakt de rol van Rosso ineens logisch. Zijn ervaring met transacties en governance past precies bij deze fase. Hij moet helpen om de controle te behouden terwijl er mogelijk nieuwe aandeelhouders binnenkomen.
Tegelijkertijd verandert Alpine ook op sportief vlak. Vanaf 2026 stapt het team over op Mercedes-powerunits en -gearboxes, met een contract dat loopt tot minimaal 2030.
Dat besluit volgde op het stopzetten van Renaults eigen motorprogramma eind 2025. De fabriek in Viry-Châtillon wordt omgebouwd tot een technocentrum voor straatauto-technologie. Daarmee verandert de identiteit van Alpine.
Van fabrieksteam met eigen motoren naar klantenteam dat zich richt op performance, merk en commerciële waarde. Die verschuiving maakt het team aantrekkelijker voor investeerders.
Het verlaagt kosten en vergroot de focus op marketing en rendement. En precies daardoor stijgt de waarde van het team zo snel.
Krijg als eerste toegang tot het laatste Formule 1-nieuws