FIA-president Mohammed Ben Sulayem heeft tijdens de recente Grand Prix van Groot-Brittannië gesproken over ingrijpende wijzigingen voor de toekomstige Formule 1-reglementen. De discussie richt zich op de terugkeer van V8-motoren en de herintroductie van tankstops tijdens races. Deze overwegingen komen voort uit de aanhoudende kritiek op de huidige 2026-motorreglementen.
Ben Sulayem bevestigde dat de terugkeer van V8-motoren ‘een kwestie van tijd’ is. Hij ziet dit als een noodzakelijke stap voor de sport. De V8-motoren, die voor het laatst werden gebruikt van 2006 tot 2013, zouden draaien op duurzame brandstoffen.
De FIA-president benadrukt de voordelen van V8-motoren. Deze omvatten minder complexiteit, lagere kosten, een lager gewicht en een verbeterd motorgeluid. Dit moet de Formule 1 terugbrengen naar een ‘puurdere vorm van racen’.
De huidige 2026-motorreglementen, die dit seizoen van kracht werden, hebben veel kritiek ontvangen. Coureurs en teams klagen over de rijeigenschappen en de dominante rol van elektrische energie. Max Verstappen noemde de auto’s ‘Formule E op steroïden’.
De 2026-krachtbronnen zijn ontworpen met een 50/50-verdeling tussen verbrandings- en elektrische energie. Dit leidt tot problemen met energiemanagement en auto’s die op rechte stukken inhouden. Christian Horner sprak over ‘Frankenstein-auto’s’.
Als reactie op de kritiek heeft de FIA al aanpassingen goedgekeurd voor de seizoenen 2027 en 2028. De verhouding tussen de verbrandingsmotor en de elektromotor verschuift dan geleidelijk. De brandstoftoevoer wordt ook verhoogd.
De verhouding van vermogen uit de verbrandingsmotor en batterij zal van 53/47 in 2026 naar 58/42 in 2027 en 60/40 in 2028 gaan. Dit moet de afhankelijkheid van elektrische energie verminderen.
Naast de V8-motoren overweegt de FIA ook de terugkeer van tankstops. Dit is primair gericht op het verminderen van het startgewicht van de auto’s. Kleinere brandstoftanks zouden een gewichtsbesparing van meer dan 50 kilogram opleveren.
Tanken werd in 2010 verboden vanwege veiligheidsrisico’s en kostenoverwegingen. Incidenten zoals de brand bij Jos Verstappen in 1994 speelden hierbij een rol.
Voorstanders van tankstops beargumenteren dat het de rondetijden zou versnellen en meer strategische variatie zou bieden. Dit zou de races spannender maken.
Een ander punt van discussie is de introductie van onafhankelijke motorleveranciers. De FIA onderzoekt de mogelijkheid om een externe partij, zoals Cosworth, een standaard V8-motor te laten leveren.
Dit initiatief moet de invloed van grote autofabrikanten op klantenteams verminderen. Het zou onafhankelijke teams een betaalbare en competitieve motoroptie bieden.
De FIA streeft naar aanzienlijk lichtere Formule 1-auto’s, met een doelgewicht van minder dan 650 kilogram, idealiter 630 kilogram. De huidige auto’s wegen 768 kilogram.
‘Het komt eraan. Zeker. Uiteindelijk is het een kwestie van tijd,’ aldus Ben Sulayem over de terugkeer van V8-motoren.
De combinatie van V8-motoren, tankstops en onafhankelijke leveranciers moet de sport toegankelijker, goedkoper en spectaculairder maken. Dit alles met het oog op de volgende grote reglementencyclus, waarschijnlijk vanaf 2031.
Krijg als eerste toegang tot het laatste Formule 1-nieuws