De chief trackside engineer van Aston Martin hield zich niet in toen hem werd gevraagd waar het team tekortschiet.
Zijn antwoord gaf een zeldzaam inkijkje in de omvang van de problemen die Aston Martin en motorpartner Honda momenteel proberen op te lossen.
“Het is alles.”
Die drie woorden vatten volgens Krack vrijwel perfect samen waar Aston Martin momenteel staat in het kampioenschap van 2026.
Het weekend in Barcelona werd voor Aston Martin een van de zwaarste uit de recente geschiedenis van het team. Fernando Alonso kwalificeerde zich als 22e en laatste, terwijl Lance Stroll eveneens op de achterste startrij stond.
Tijdens de race haalden beide auto’s de finish niet. Zowel Alonso als Stroll vielen vóór ronde 37 uit, waardoor Aston Martin opnieuw zonder resultaat achterbleef.
Voor Alonso kwam de uitkomst niet als een verrassing. De tweevoudig wereldkampioen verklaarde zelfs dat hij nog nooit eerder met zo’n slechte combinatie van auto en motor had gereden sinds zijn debuut in de Formule 1.
Dat oordeel kreeg extra gewicht doordat Barcelona traditioneel geldt als een circuit waarop de ware competitieve verhoudingen zichtbaar worden. Het circuit bevat snelle bochten, medium-speed secties en stelt hoge eisen aan zowel aerodynamica als energiebeheer.
De cijfers waren vernietigend. Aston Martin stond tijdens de kwalificatie bijna vier seconden achter de benchmark van George Russell en Mercedes. Volgens Krack voelde dat alsof het team “in een andere categorie” reed.
Waar veel teams één duidelijk probleem aanwijzen, ziet Aston Martin juist een verzameling tekortkomingen die elkaar versterken. Volgens Krack is dat precies wat de situatie zo lastig maakt.
Hij wees onder meer op de drivability-problemen die Lance Stroll ervoer. Die zijn volgens hem nog niet opgelost en vormen slechts een onderdeel van een veel groter geheel.
Krack benadrukte dat de verschillen tussen Monaco en Barcelona enorm zijn. In Monaco draait alles om lage snelheden en het op temperatuur krijgen van de banden. In Barcelona ligt de uitdaging juist bij het koelen van de banden en het beheren van energie.
Toch bleef Aston Martin op beide circuits achter. Dat is voor Krack het bewijs dat het probleem niet in één specifiek gebied zit.
Hij stelde daarom dat het team “op alle vlakken” vooruitgang moet boeken. Van chassisprestaties tot energiebeheer en van betrouwbaarheid tot operationele uitvoering.
“Het feit dat we op beide circuits achterlopen, laat zien dat we op al deze gebieden nog aan ons werk moeten.”
Honda-powerunit veroorzaakt grote zorgen
Een belangrijk deel van de problemen ligt bij de nieuwe Honda-powerunit. Tijdens de wintertest in Bahrein kwamen al signalen naar buiten dat de samenwerking met Aston Martin moeizaam verliep.
Het team reed slechts 128 ronden tijdens de testperiode. Daarmee bleef het zelfs achter op Cadillac. Op de laatste testdag beperkte een batterijprobleem de running tot slechts zes ronden.
Daar bleef het niet bij. Honda moest tijdens de testperiode al een groot deel van zijn reserveonderdelen aanspreken.
De kern van het probleem bleek te liggen bij extreme vibraties. Op de testbank bleven die binnen acceptabele grenzen, maar eenmaal ingebouwd in het chassis namen de trillingen aanzienlijk toe.
Die vibraties veroorzaakten batterijproblemen, versnelde slijtage en losrakende componenten. Bovendien konden de coureurs daardoor niet continu met volledig vermogen rijden.
Volgens Honda was een oplossing alleen mogelijk via een gezamenlijke aanpak tussen de Japanse fabrikant en Aston Martin.
Zelfs zorgen over mogelijke zenuwbeschadiging bij langdurige blootstelling aan de trillingen werden genoemd als onderdeel van het technische vraagstuk waarmee beide partijen werden geconfronteerd.
Naast de motorproblemen worstelt Aston Martin ook met het chassis van de nieuwe generatie auto’s. Het AMR26-project kampt volgens de beschikbare informatie met meerdere uitdagingen.
De ontwikkeling liep ongeveer vier maanden achter op schema binnen het windtunnelprogramma voor de nieuwe reglementen van 2026. Dat achterstandseffect lijkt nog steeds zichtbaar op de baan.
Daarnaast blijkt de integratie tussen chassis en Honda-powerunit problematisch. Juist die combinatie speelt een belangrijke rol bij de vibratieproblemen waarmee het team worstelt.
Ook het gewicht van de auto vormt een aandachtspunt. Aston Martin heeft moeite om competitief richting het minimumgewicht van de nieuwe reglementen te komen.
Tijdens de eerste kilometers van het seizoen verzamelde het team bovendien minder baanervaring dan veel concurrenten. Daardoor moest veel ontwikkelingswerk later worden uitgevoerd dan gepland.
Het resultaat is zichtbaar in de stand van het kampioenschap. Aston Martin staat slechts op één punt en bezet de tiende plaats van de elf teams in de rangschikking.
Ondanks de dramatische prestaties ziet Krack nog enkele kleine lichtpunten. Volgens hem levert een extreem moeilijk weekend soms juist de meest waardevolle data op.
Barcelona geldt als een van de zwaarste circuits voor energiebeheer. Voorafgaand aan het raceweekend voerde de FIA zelfs meerdere aanpassingen door aan de energieregels en parameters.
Daardoor kreeg Aston Martin veel informatie over de manier waarop het de processen rondom energiegebruik kan verbeteren.
Krack erkende dat zulke positieve punten nauwelijks zichtbaar zijn wanneer een team meerdere seconden tekortkomt op de concurrentie. Toch beschouwt hij de verzamelde data als cruciaal voor de verdere ontwikkeling.
Daarnaast wees hij op een goed uitgevoerde pitstop als een van de weinige onderdelen die naar tevredenheid verliepen.
Het team probeert die kleine successen nu te gebruiken als basis voor verdere vooruitgang. Voor Aston Martin is er voorlopig geen snelle uitweg. Volgens de huidige planning wordt pas rond de Belgische Grand Prix een significante update verwacht.
Dat betekent dat Fernando Alonso en Lance Stroll waarschijnlijk nog meerdere raceweekenden moeten afwerken met een pakket dat structureel tekortschiet ten opzichte van de concurrentie.
Krijg als eerste toegang tot het laatste Formule 1-nieuws