Mercedes gold maandenlang als de stille favoriet voor het Formule 1-seizoen 2026, maar achter gesloten deuren klinken nu andere geluiden.
Nog voordat de nieuwe generatie auto’s een meter op de baan heeft gereden, doen geruchten de ronde over kinderziektes bij de nieuwe Mercedes-powerunit. Die signalen komen niet uit het niets, maar uit de mond van een oud-Grand Prix-winnaar.
Publiek optimisme botst met interne verhalen die wijzen op een moeizame start van de nieuwe motorcyclus. Volgens Johnny Herbert, drievoudig Grand Prix-winnaar, zijn de voorbereidingen bij Mercedes niet volledig probleemloos verlopen.
Hij benadrukt dat hij geen directe feedback van teams heeft gekregen, maar wel specifieke signalen heeft opgevangen over technische tegenslagen.
Herbert gaf aan te hebben gehoord dat Mercedes problemen ondervond toen de nieuwe 2026-powerunit voor het eerst in de auto werd gemonteerd. In dat stadium zou de motor zelfs niet zijn aangeslagen. Dat detail staat haaks op het beeld van een fabrikant die alles volledig onder controle heeft.
Die informatie weegt extra zwaar omdat Mercedes na de tweede plaats in het constructeurskampioenschap van 2025 door velen als dé referentie voor 2026 werd gezien. Juist daarom valt het op dat er nu twijfels ontstaan.
Tegelijkertijd plaatst Herbert de berichten in perspectief. Hij benadrukt dat vrijwel elk team in een nieuw reglemententijdperk met onverwachte problemen te maken krijgt.
De overgang van testbanken en fabrieksomstandigheden naar echte racesituaties blijft volgens hem een fundamenteel risico.
Waarom 2026 zo gevoelig ligt voor Mercedes
Het Formule 1-seizoen 2026 is een radicale omslag. Powerunits en aerodynamica worden grondig herzien, waardoor eerdere kennis deels haar waarde verliest. Teams beginnen in zekere zin opnieuw.
Mercedes heeft in het verleden juist in zulke momenten uitgeblonken, wat de hoge verwachtingen verklaart. Maar Herbert wijst erop dat stilte uit de fabrieken niet automatisch betekent dat alles perfect verloopt.
Hij benadrukt dat het verschil tussen een draaiende motor op de testbank en een volledig geïntegreerde auto op de baan enorm is. Koeling, packaging en elektronische systemen moeten in de praktijk samenkomen.
Volgens Herbert is het daarom logisch dat er kinderziektes opduiken, zeker in zo’n ingrijpend nieuw tijdperk. Dat maakt de signalen zorgelijk, maar niet uitzonderlijk binnen de context van Formule 1-ontwikkeling.
Parallel aan de berichten over opstartproblemen circuleren ook verhalen over een mogelijke maas in de 2026-regels. Mercedes zou een manier hebben gevonden om de compressieverhouding van de motor bij racetemperaturen hoger te laten uitvallen dan formeel toegestaan.
Dat zou theoretisch een prestatievoordeel opleveren ten opzichte van concurrenten. Juist die combinatie van geruchten maakt het beeld complex. Aan de ene kant klinkt er twijfel over betrouwbaarheid en integratie.
Aan de andere kant wordt gesuggereerd dat Mercedes technisch juist een stap vooruit heeft gezet. Die spanning onderstreept hoe weinig nog zeker is voordat de auto’s daadwerkelijk gaan testen en racen. Tot dat moment blijft veel gebaseerd op wat wordt gefluisterd, niet op wat zichtbaar is.
Ondanks zijn opmerkingen over de powerunit blijft Herbert opvallend positief over George Russell. Hij ziet Russell als een sleutelrol in een mogelijke heropleving van Mercedes. Russell won twee races in 2025 en eindigde als vierde in het wereldkampioenschap.
Daarmee was hij een van de uitblinkers van het seizoen, ondanks wisselvallig materiaal. Volgens Herbert is consistentie Russells grootste kracht. Die eigenschap kan doorslaggevend worden in een nieuw tijdperk waarin betrouwbaarheid en foutloos werken cruciaal zijn.
Hij ziet ook een duidelijke rol voor Kimi Antonelli, die Russell kan blijven uitdagen en scherp houden. De combinatie van ervaring en jeugd noemt Herbert een belangrijke troef voor Mercedes.
Interne dynamiek binnen Mercedes richting 2026
Herbert wijst erop dat Antonelli nog niet dezelfde consistentie heeft als Russell, maar verwacht dat hij zal groeien. Die ontwikkeling wordt gesteund door de duidelijke backing van Toto Wolff.
Binnen Mercedes ziet Herbert een gezonde interne strijd ontstaan. Russell weet dat Antonelli sterker zal worden, maar heeft voorlopig de ervaring en het momentum aan zijn zijde.
Volgens Herbert kan juist die dynamiek helpen om het team vooruit te stuwen, mits de auto en powerunit competitief blijken. Daarmee verschuift de focus weer naar de kernvraag: hoe goed is de Mercedes van 2026 werkelijk?
Die vraag blijft onbeantwoord zolang de auto niet op het circuit verschijnt. De signalen die Herbert deelt, laten zien hoe fragiel reputaties zijn aan de vooravond van een reglementswijziging. Mercedes is geen uitzondering in een fase waarin elk detail telt.
Problemen bij het eerste inbouwen van een powerunit hoeven geen ramp te betekenen, maar ze doorbreken wel het beeld van absolute controle. Tegelijkertijd onderstreept Herberts vertrouwen in Russell dat succes in 2026 niet alleen door techniek wordt bepaald, maar ook door de mensen achter het stuur.
Wat vaststaat, is dat Mercedes niet onbedreigd aan het nieuwe tijdperk begint. En juist die onzekerheid maakt de aanloop naar 2026 zo beladen.