De Amerikaanse renstal Haas F1 Team maakte in 2016 zijn langverwachte debuut in de Formule 1, een initiatief van industrieel magnaat Gene Haas, eigenaar van Haas Automation. Het team was het eerste nieuwe Amerikaanse Formule 1-team in dertig jaar en onderscheidde zich direct met een innovatieve aanpak. In plaats van alles zelf te bouwen, koos Haas voor een strategische samenwerking met Ferrari voor de krachtbron en essentiële onderdelen, en met Dallara voor het chassis. Deze slimme structuur stelde het team in staat om snel operationeel te zijn en verraste de paddock al in de eerste races. Met Romain Grosjean achter het stuur behaalde Haas in de openingsrace in Australië direct punten, gevolgd door een indrukwekkende vijfde plaats in Bahrein. Deze krachtige start vestigde de reputatie van Haas als een serieuze nieuwkomer.
Het hoogtepunt in de korte geschiedenis van Haas kwam ongetwijfeld in het seizoen 2018. Met coureurs Romain Grosjean en Kevin Magnussen vormde het team een sterke combinatie die regelmatig vocht om puntenposities. Het team eindigde dat jaar op een respectabele vijfde plaats in het constructeurskampioenschap, een prestatie die de potentie van het model en het harde werken van het team benadrukte. Hoewel een podiumfinish Haas tot op heden is ontgaan, waren er momenten van grote belofte, zoals de dubbele puntenfinish in de Grand Prix van Oostenrijk in 2018. Het team stond bekend om zijn verrassende snelheid in de kwalificatie, waarbij het vaak de gevestigde namen uitdaagde. Onder leiding van de charismatische teambaas Guenther Steiner groeide Haas uit tot een herkenbare en geliefde deelnemer aan het Formule 1-circus.
Na het succesvolle seizoen 2018 kende Haas een uitdagende periode. De daaropvolgende jaren werden gekenmerkt door een terugval in prestaties, deels door moeilijkheden met de doorontwikkeling van de auto en deels door financiële druk, zoals de controversiële samenwerking met titelsponsor Rich Energy. Het seizoen 2020 was bijzonder zwaar, met het team dat moeite had om aansluiting te vinden bij het middenveld. In 2021 koos Haas voor een complete reset door twee rookies, Mick Schumacher en Nikita Mazepin, aan te trekken. Dit werd een leerjaar, waarbij de focus lag op het opdoen van ervaring en het voorbereiden op de nieuwe reglementen van 2022. Deze transitie, gecombineerd met de invoering van het budgetplafond, dwong het team tot een herbezinning op zijn strategie en interne processen.
Met de ingang van de nieuwe technische reglementen in 2022 begon een nieuw hoofdstuk voor Haas. Het team toonde zich veerkrachtig en wist zich beter te positioneren, wat culmineerde in een sensationele pole position voor Kevin Magnussen tijdens de sprintkwalificatie van de Grand Prix van Brazilië dat jaar – een historische eerste voor het team. In 2023 en 2024 kiest Haas voor ervaring met het rijdersduo Kevin Magnussen en Nico Hülkenberg, een stap die gericht is op consistentie en het maximaliseren van de resultaten. Een belangrijke verandering vond plaats aan het begin van 2024 met het vertrek van Guenther Steiner en de benoeming van Ayao Komatsu als de nieuwe teambaas, wat duidt op een verschuiving naar een meer technisch gedreven leiderschap. De toekomst ziet eruit als een voortdurende strijd om punten en het verder klimmen in het constructeursklassement, met de onverminderde steun van Gene Haas en de groeiende interesse in Formule 1 op de Amerikaanse markt als drijvende krachten.