Oscar Piastri stond vorig seizoen lang bovenaan, maar zag zijn titelkansen wegglippen toen het er echt om ging. Met volledig nieuwe Formule 1-regels in aantocht ligt alles opnieuw open, maar volgens Martin Brundle is er één zwakke plek die Piastri eerst moet aanpakken om in 2026 wereldkampioen te worden.
Die analyse komt niet voort uit twijfel aan zijn snelheid, maar juist uit hoe dicht hij er al bij was. De lat ligt hoog, en precies daar wringt het. Oscar Piastri ging 2025 in als een serieuze titelkandidaat voor McLaren.
Meer dan de helft van het seizoen leidde hij het kampioenschap en liet hij zien dat hij het tempo had om zowel zijn teamgenoot als Max Verstappen te verslaan. Toch liep het mis in de slotfase. Een reeks lastige races zorgde ervoor dat Piastri terugviel naar de derde plaats in de eindstand.
De titelstrijd kantelde, en de marge om fouten te maken bleek flinterdun. Dat gebeurde niet omdat hij snelheid tekortkwam, maar omdat bepaalde omstandigheden hem structureel meer moeite kostten dan zijn rivalen. Precies dat patroon viel ook Martin Brundle op.
Martin Brundle keek met gemengde gevoelens terug op Piastri’s seizoen. Volgens hem was 2025 tegelijk briljant en frustrerend.
“Hij komt terug met wraak, denk ik. Het was deels pijnlijk en deels briljant voor hem vorig jaar. Hij heeft ontzettend veel geleerd.”
Volgens Brundle is er geen twijfel over Piastri’s talent of mentaliteit. Hij noemt hem slim, competitief en een harde werker. Juist daarom is de conclusie zo scherp.
“Het is vrij algemeen geaccepteerd dat hij op circuits met weinig grip niet het maximale uit de auto en de band haalt. Hij weet dat hij dat moet fixen.”
Daarmee benoemde hij exact waar het misging.
Lage grip als terugkerend probleem
Piastri verloor cruciale punten op circuits waar grip schaars was. In races als Bakoe, Singapore en São Paulo zag hij zijn voorsprong langzaam verdwijnen, terwijl zijn concurrenten constanter bleven.
Op banen met veel grip en stabiele omstandigheden was hij vaak dominant. Meerdere overwinningen waren zo overtuigend dat er geen twijfel bestond over zijn pure snelheid. Maar zodra de omstandigheden lastiger werden, verloor hij scherpte.
Dat verschil bleek beslissend in een kampioenschap waarin elk detail telt. Volgens Brundle is het juist dit soort nuance dat wereldkampioenen onderscheidt van snelle coureurs.
Toch bleef het niet alleen bij problemen. In Qatar liet Piastri zien dat hij al bezig was met oplossingen. Zijn comeback daar werd slechts onderbroken door strategische fouten van McLaren, niet door zijn eigen optreden.
Dat moment gaf Brundle vertrouwen dat Piastri het juiste leerproces doormaakt.
“We hebben hem geobserveerd. Hij is ongelooflijk scherp. Ik denk dat hij terugkomt met een grote stap vooruit.”
Die overtuiging wordt gedeeld door veel insiders, juist omdat Piastri zijn zwakke plekken niet ontkent maar erkent. De grote vraag richting 2026 is of de nieuwe reglementen Piastri helpen of juist tegenwerken.
De auto’s en powerunits zijn volledig veranderd, waardoor eerdere patronen deels worden uitgewist. Binnen McLaren is men zich ervan bewust dat de dominantie van 2025 geen vanzelfsprekendheid is.
Piastri weet dat hij mogelijk niet opnieuw over de beste auto beschikt, en dat maakt zijn persoonlijke ontwikkeling nog belangrijker. Tijdens de shakedown in Barcelona werkte hij intensief aan het begrijpen van de nieuwe auto.
“Ik begin te voelen hoe de auto echt is. We hebben verschillende configuraties geprobeerd om te begrijpen hoe hij zich gedraagt tijdens een raceweekend.”
Volgens Piastri ligt de nadruk voorlopig niet op prestaties, maar op begrip. Vooral aan de kant van de powerunit valt nog veel te leren.
“De prioriteit was duidelijk: de auto begrijpen en verbeteren. Er valt nog veel te leren, zeker aan de powerunit-kant.”
Samen met HPP werkt McLaren aan het verfijnen van de afstelling, waarbij zowel Piastri als Lando Norris input leveren. Die feedback wordt als waardevol beschouwd binnen het team. Piastri merkte ook duidelijke verschillen ten opzichte van vorig jaar.
“We hebben verschillen gezien in het chassis, met meer downforce. Daar aan wennen is een belangrijk aandachtspunt geweest.”
Brundle’s opmerking dat Piastri “incredibly bright” is, krijgt extra gewicht door de nieuwe regels. De aerodynamica en energieregeling vragen meer denkwerk van coureurs dan ooit.