De Formule 1 wordt al jarenlang geplaagd door discussies en kritiek rondom de safety car-procedures. Deze terugkerende problematiek ondermijnt niet alleen de sportieve integriteit, maar frustreert ook fans en teams. F1Maximaal-redacteur Stephan Koolschijn, die diverse raceklassen volgt, stelt dat de oplossing mogelijk ‘aan de andere kant van de plas’ ligt.
De meest in het oog springende controverse vond plaats tijdens de Grand Prix van Abu Dhabi in 2021. De toenmalige racedirecteur Michael Masi nam destijds beslissingen over het inhalen van achterblijvers die niet conform de reglementen waren, wat direct invloed had op de uitkomst van het wereldkampioenschap. Max Verstappen pakte daardoor de titel op de laatste ronde, wat leidde tot een ‘gebrekkige uitslag’ en uiteindelijk het ontslag van Masi.
Ook recentere incidenten hebben de discussie aangewakkerd. Zo eindigde de Grand Prix van Italië in 2022 onder de safety car, tot ongenoegen van velen, hoewel de regels in dat geval wel correct werden gevolgd. Daarnaast is er regelmatig kritiek op de snelheid van de safety car, waarbij coureurs zoals Charles Leclerc, Max Verstappen en George Russell in 2022 klaagden dat de Aston Martin safety car te langzaam was om de bandentemperaturen op peil te houden.
Zelfs in het huidige seizoen zijn er nog vraagtekens. Tijdens de Grand Prix van Monaco in 2026 werden Ferrari-coureur Lewis Hamilton en Red Bull-rijder Isack Hadjar onderzocht wegens het laten van te grote gaten achter de safety car. Ook George Russell van Mercedes werd in 2025 in Canada onder de loep genomen voor ‘onregelmatig rijgedrag’. Hoewel de stewards in deze gevallen vaak ‘tolerantie’ toonden, blijft de onduidelijkheid over de interpretatie van de regels bestaan.
Koolschijn, die naast de Formule 1 ook de IndyCar-klasse op de voet volgt, ziet in Amerikaanse raceklassen een potentieel voorbeeld voor de F1. Daar worden safety car-situaties, ook wel ‘Full Course Yellows’ genoemd, anders aangepakt.
‘De Formule 1 zou er goed aan doen om eens over de oceaan te kijken. De manier waarop series als IndyCar en NASCAR omgaan met neutralisaties kan veel van de huidige kritiek wegnemen en de races spannender maken.’
In de IndyCar Series wordt de pitstraat bijvoorbeeld onmiddellijk gesloten zodra een gele vlag wordt gezwaaid. Pas wanneer het veld zich achter de pace car heeft gegroepeerd, wordt de pitstraat weer geopend. Dit voorkomt dat teams strategisch kunnen profiteren van een ‘gratis’ pitstop onder geel, wat in de Formule 1 vaak tot onvoorspelbare en soms oneerlijke situaties leidt. Een coureur die net de pits inrijdt als de gele vlag valt, krijgt zelfs een straf.
Ook de NASCAR-reglementen bieden interessante alternatieven. Daar wordt het veld direct ‘bevroren’ op het moment van de neutralisatie. De pitstraat opent pas nadat de auto’s zich achter de pace car hebben opgesteld. Bovendien kent NASCAR de ‘beneficiary’-regel, waarbij de eerste auto die een ronde achterstand heeft, deze ronde terugkrijgt. Dit zorgt voor meer competitie en minder ‘verloren’ ronden.
Voormalig Formule 1-coureur Jenson Button heeft al eerder gesuggereerd dat de F1 een IndyCar- of NASCAR-achtige oplossing zou moeten overwegen om te voorkomen dat races eindigen achter de safety car. Hij opperde onder meer dat achterblijvers de pitstraat in moeten rijden en achteraan moeten aansluiten, in plaats van een ‘wave-by’.
Door dergelijke procedures te implementeren, zou de Formule 1 de strategische loterij rondom de safety car kunnen verminderen. Dit zou leiden tot eerlijkere races, minder discussie en een spannender slot, waarbij de sportieve prestatie van de coureurs en teams meer centraal staat.