Binnen Aston Martin overheerst een positief gevoel na de GP van Canada. Chief Trackside Officer Mike Krack zag verbeteringen aan de prestaties van de auto, maar moest tegelijkertijd toegeven dat meerdere incidenten het weekend hebben beschadigd.
Daarbij sprak hij openlijk over zaken die volgens hem simpelweg niet hadden mogen gebeuren. Al vroeg na de race noemde Krack de evaluatie “niet zo prettig”.
Hij gaf toe dat Aston Martin dit seizoen weliswaar worstelt met prestaties, maar benadrukte dat operationele fouten daar los van staan. Juist daarom kwamen de gebeurtenissen in Canada extra hard aan.
Aston Martin begon 2026 met hoge verwachtingen, maar bevindt zich inmiddels achteraan op de grid. Betrouwbaarheid en prestaties vormden al maanden een probleem, terwijl de operationele uitvoering doorgaans juist een sterk punt was.
In Canada draaide dat beeld plotseling om. Een van de opvallendste incidenten betrof Lance Stroll. Tijdens de race verloor zijn auto een wielkap, wat leidde tot extra tijdverlies en strategische schade.
Het incident werd direct genoemd als een voorbeeld van een fout die voorkomen had moeten worden. Daar bleef het niet bij. Aston Martin moest in de sprintrace ook vanuit de pitlane starten.
Die situatie ontstond door technische problemen en gaf het team direct een achterstand nog voordat de race goed en wel begonnen was. Volgens Krack was dat “uiteraard niet ideaal”.
Naast deze twee zichtbare incidenten sprak de Luxemburger over meerdere glitches gedurende het weekend. Het waren volgens hem kleine fouten, maar gezamenlijk hadden ze een duidelijke invloed op het eindresultaat. Aston Martin wil die problemen nu analyseren om herhaling te voorkomen.
“We hebben het in het verleden beter gedaan en we zullen het in de toekomst beter doen, maar we hadden dit weekend een paar haperingen waar we aan moeten werken.”
Krack benadrukte dat het team zich moet hergroeperen. De operationele standaard moet volgens hem terug naar het niveau dat Aston Martin eerder al heeft laten zien. Juist omdat de prestaties langzaam verbeteren, mogen dergelijke fouten niet langer het verschil maken.
Ondanks alle problemen zag Aston Martin in Canada ook positieve signalen. Het team heeft al meerdere keren aangegeven geen spectaculaire sprong voorwaarts te verwachten voordat een groot updatepakket rond de zomerstop verschijnt.
Daarom waren de prestaties in Montreal opvallend genoeg bemoedigend. Fernando Alonso reed in de openingsfase zelfs binnen de top tien. Dat zorgde tijdelijk voor optimisme binnen het team.
Krack erkende dat enkele goede strategische keuzes ervoor zorgden dat Aston Martin hoger reed dan vooraf werd verwacht. Volgens hem ontstond daardoor een enigszins flatterend beeld van de werkelijke krachtsverhoudingen.
Alonso reed op een bepaald moment als tiende, terwijl Stroll na zijn pitlane-start rond de veertiende positie reed. Toch wist iedereen binnen het team dat de realiteit uiteindelijk zou terugkeren.
Krack gaf toe dat de race een moment van hoop creëerde. In Canada kan een safety car, uitvalbeurt of incident immers plotseling alles veranderen. Aston Martin bleef daarom kansen zien zolang de race duurde.
Toen verdere chaos uitbleef, zakte het team echter terug naar het niveau dat vooraf werd verwacht. Zoals Krack het omschreef: in de Formule 1 eindig je meestal waar je thuishoort, tenzij een race volledig op zijn kop wordt gezet.
“Vanuit puur prestatieoogpunt denk ik dat we presteerden zoals we hadden verwacht.”
De diepere oorzaken achter Aston Martins moeilijke seizoen
De problemen van Aston Martin begonnen niet in Canada. Volgens de beschikbare gegevens loopt het team al maanden achter op schema met de ontwikkeling van de AMR26.
De grootste oorzaak ligt bij de voorbereiding op de nieuwe technische reglementen. Adrian Newey onthulde dat Aston Martin pas medio april 2025 een model van de 2026-auto in de windtunnel kreeg.
Concurrenten waren daar al vanaf begin januari mee bezig, direct nadat de aerodynamische testbeperkingen werden versoepeld. Daardoor liep Aston Martin ongeveer vier maanden achterstand op.
Die vertraging werkte door in vrijwel elk onderdeel van het project. De ontwikkelingscyclus werd samengedrukt, waardoor ontwerpers en engineers minder tijd hadden om oplossingen te vinden.
Volgens de aangeleverde informatie werd het team daardoor vanaf het begin op achterstand gezet. Ook tijdens de wintertests in Bahrein stapelden de problemen zich op. Lance Stroll reed op de eerste testdag slechts 36 ronden door een probleem met de powerunit.
Later volgden aanvullende mechanische problemen. Het resultaat was een auto die volgens de cijfers drie tot vijf seconden per ronde tekortkwam ten opzichte van de concurrentie.
Daar kwam nog een complexe overgang van Mercedes naar Honda bij. Honda zou relatief laat zijn aangesloten bij de ontwikkeling van het 2026-project.
Dat zorgde volgens de analyse voor problemen met topsnelheid, packaging, koeling en de afstemming van het hybride systeem onder de nieuwe brandstofregels. Ondanks alle tegenvallers ziet Aston Martin voldoende redenen om optimistisch te blijven.
Een belangrijk punt is de betrouwbaarheid van de auto tijdens het raceweekend in Canada. Krack benadrukte dat er aan de kant van de powerunit geen enkel defect werd geregistreerd.
Dat klinkt misschien als een klein detail, maar voor een team dat eerder regelmatig technische problemen kende, is het een belangrijke stap. Het betekent dat de focus steeds meer kan verschuiven van noodreparaties naar pure prestatieontwikkeling.
Daarnaast ziet Aston Martin ruimte voor verbetering op meerdere fronten. Volgens de interne beoordeling zijn al veel zwakke punten geïdentificeerd. Het team werkt vanuit Silverstone aan oplossingen voor zowel technische als operationele tekortkomingen.
Ook Newey blijft positieve signalen zien. Ondanks de ontwikkelingsachterstand sprak hij over een AMR26 die tijdens tests de aandacht trok. Dat verandert niets aan de huidige problemen, maar geeft wel aan dat Aston Martin nog altijd potentieel ziet in het project.
“Ik denk dat we al een heel eind op weg zijn, maar de prestaties zijn nog niet zoals ze zouden moeten zijn.”