Max Verstappen is in vier opeenvolgende races niet op het podium geëindigd. Een unicum voor de drievoudig wereldkampioen, en niet eentje waar hij blij van wordt. Sterker nog: het begint erop te lijken dat Red Bull Racing zijn grip op de Formule 1-voorkant volledig kwijt is.
De cijfers liegen er niet om. In Hongarije kwam Verstappen op maar liefst 1 minuut en 12 seconden achterstand over de streep. Een verschil dat jaren geleden nog een ander team zou typeren — niet Red Bull.
De zorgen nemen toe. En niet alleen buiten het team, maar ook van binnenuit klinken signalen dat het project Red Bull Powertrains verre van vlekkeloos verloopt.
Coureur Jeroen Bleekemolen was stellig aan tafel bij Paddockpraat: Red Bull zit nu “gewoon in het middenveld”. Verstappen zou dat volgens hem niet lang meer pikken. En als we Verstappen zelf mogen geloven, is zijn geduld al aan het opraken. Hij zei na afloop van de race in Hongarije:
“Ik ga dit jaar geen race meer winnen.” — Max Verstappen
Hij klonk opvallend gelaten, misschien zelfs opgelucht dat de zomerstop aanbreekt. Maar onder dat kalme oppervlak schuilt frustratie. De auto reageert niet zoals hij wil.
Simulatiedata kloppen niet met de werkelijkheid. Updates die wél op papier werken, falen op het asfalt. En dat is geen incident meer — het is een patroon.
Interne kritiek: ‘project loopt totaal niet’
Ook binnen de Red Bull-organisatie gaan de alarmbellen af. Volgens ingewijden is er weinig reden voor optimisme. De nieuwe powerunit, die intern ontwikkeld wordt als voorbereiding op 2026, zou “totaal niet lopen”.
En hoewel teamadviseur Helmut Marko nog roept dat “de cijfers veelbelovend zijn”, wordt dat door anderen gezien als een verkoopverhaal waar niemand écht meer in gelooft.
“Als je naar Japan of Mercedes belt, hoor je overal hetzelfde: ‘alles gaat geweldig’. Maar je ziet het pas volgend jaar.”
De ontwikkeling van Red Bull’s eigen motor ligt onder vuur. De engineers worstelen met temperaturen, afstelling en simulatieproblemen. De correlatie tussen data en praktijk is zoek. En dát is funest in de huidige Formule 1, waarin details races beslissen.
Verstappen heeft publiekelijk aangegeven dat hij tot en met 2026 bij Red Bull blijft. Maar insiders twijfelen. Als het begin van 2026 net zo desastreus is als de huidige zomer, dan zou het zomaar kunnen dat hij halverwege het seizoen uitstapt.
Een overstap naar Ferrari, McLaren of Mercedes ligt niet direct voor de hand — maar een jaar uitzitten “om plek vijftien te rijden” is volgens Bleekemolen uitgesloten.
“Max gaat niet een heel jaar rijden om plek 15. Dan stapt hij uit.” — Jeroen Bleekemolen
Zijn opmerking over vakantie was veelzeggend: hij wil weg van de chaos, al is het maar tijdelijk. Maar dat tekent ook zijn huidige mentale staat.
Een coureur als Verstappen, die altijd vooruit wil, kan geen vrede hebben met structurele nederlagen. Zelfs niet als die toevallig worden afgewisseld met een sprintrace-zege of podium.
Red Bull vs. Racing Bulls: pijnlijk vergelijk
De situatie wordt extra wrang als je kijkt naar de prestaties van de zusterteams. Racing Bulls doet het opvallend goed, en Verstappen eindigde zelfs achter Liam Lawson in Hongarije. De auto van het satellietteam lijkt stabieler, beter in balans en strategisch scherper.
“Zet Max in een Racing Bull, en hij rijdt zo naar het podium.” — Jeroen Bleekemolen
Dat is geen loze uitspraak. McLaren, Ferrari en zelfs Mercedes staan nu structureel vóór Red Bull. En dan wordt het podium ineens krap: met drie teams die de topposities bezetten, blijft er voor Verstappen weinig over.
De zomerstop komt als geroepen. Niet alleen voor de coureurs, maar ook voor het team. Als Red Bull de trend niet weet te keren, dan zou de huidige situatie zomaar eens het begin kunnen zijn van een langdurige terugval.
Voor Verstappen betekent dat mogelijk het einde van zijn Red Bull-verhaal — of zelfs van zijn tijd in de Formule 1. Een Max die niet mee kan doen om de winst, is geen Max die genoegen neemt met plek zes. En als Red Bull écht is afgegleden naar het middenveld, dan houdt Verstappen dat niet vol.