Een technisch besluit van de FIA heeft een nieuw discussiepunt geopend tussen Red Bull en de autosportfederatie. Volgens Red Bull ontbreekt ieder overtuigend bewijs voor de conclusie dat de Red Bull Ford-powerunit momenteel de sterkste verbrandingsmotor in de Formule 1 is.
Dat oordeel heeft directe gevolgen, omdat de FIA die beoordeling gebruikte binnen het ADUO-systeem. Juist daar zit volgens Red Bull de kern van het probleem: het team ziet geen data die de conclusie ondersteunt dat Ford boven concurrenten als Mercedes staat.
De discussie begon tijdens het Grand Prix-weekend van Monaco. Teams kregen daar te horen dat de Red Bull Ford-verbrandingsmotor als sterkste interne verbrandingsmotor was aangemerkt.
Daardoor konden Mercedes en andere motorfabrikanten profiteren van het ADUO-upgradesysteem. Voor Red Bull was die conclusie aanleiding om de onderliggende analyse ter discussie te stellen.
Het team stelde dat de beschikbare gegevens geen bewijs leveren voor de veronderstelling dat de Ford-motor de benchmark vormt binnen het huidige veld.
De FIA heeft inmiddels ingestemd met een nieuwe beoordeling van de gegevens. Daarmee wordt de oorspronkelijke analyse opnieuw onderzocht om te controleren of de eerdere conclusies standhouden.
Laurent Mekies, een van de belangrijkste gezichten binnen Red Bull, benadrukte na de race in Barcelona dat het team niet tegen de regels zelf ageert. Volgens hem gaat de discussie uitsluitend over de interpretatie van de data.
Hij maakte daarbij duidelijk dat Red Bull de uitgangspunten van het systeem accepteert. Het team heeft volgens hem geen bezwaar tegen het feit dat uitsluitend naar de prestaties van de V6-verbrandingsmotor wordt gekeken en niet naar de elektrische component van de powerunit.
“We zien geen enkele datasteekproef die erop wijst dat we een voordeel zouden hebben ten opzichte van onze vrienden bij Mercedes.”
Die uitspraak vat de positie van Red Bull samen. Volgens Mekies ontbreekt simpelweg elk concreet datapunt dat aantoont dat de Ford-motor structureel sterker presteert dan de Mercedes-powerunit.
Volgens Mekies wordt de situatie nog ingewikkelder doordat circuits verschillend reageren op motorprestaties. Sommige banen leggen meer nadruk op vermogen van de verbrandingsmotor, terwijl andere circuits minder gevoelig zijn voor pure ICE-prestaties.
Hij wees daarbij op recente kwalificatiesessies. In Canada, een circuit met volgens hem een hoge gevoeligheid voor motorvermogen, kwalificeerde Red Bull zich als zesde.
In Monaco, waar de invloed van motorvermogen veel kleiner is, zat het team slechts vier honderdsten van poleposition verwijderd. Ook in Barcelona zag Mekies opnieuw een patroon dat volgens hem vragen oproept over de FIA-conclusie.
Op een baan waar motorvermogen opnieuw zwaar meetelt, kwalificeerde Red Bull zich wederom rond de zesde positie.
Volgens de Red Bull-topman zijn die prestaties niet in lijn met het beeld van een dominante verbrandingsmotor. Daarom vindt hij dat de FIA absolute zekerheid moet hebben voordat een fabrikant als benchmark wordt aangewezen binnen het ADUO-mechanisme.
Hij stelde dat de federatie moet voorkomen dat een voordeel wordt toegekend aan fabrikanten die al voorliggen, terwijl de feitelijke prestatieverhoudingen mogelijk anders liggen dan de berekeningen suggereren.
Mercedes speelt centrale rol in discussie over ADUO
Binnen de discussie komt Mercedes regelmatig terug als referentiepunt. Mekies noemde het Duitse merk expliciet toen hij uitlegde waarom Red Bull moeite heeft met de huidige beoordeling.
Volgens hem ziet Red Bull geen enkele dataset waarin de Ford-motor hoger wordt ingeschat dan de concurrentie. Laat staan dat er sprake zou zijn van een consistente voorsprong op Mercedes.
Dat maakt de herbeoordeling door de FIA extra belangrijk. De uitkomst kan namelijk bepalen of de huidige toepassing van het ADUO-systeem volledig overeind blijft of dat de onderliggende aannames moeten worden aangepast.
De discussie draait daarbij niet om de elektrische prestaties van de powerunits. Mekies benadrukte dat alle betrokken partijen eerder hebben afgesproken dat uitsluitend de interne verbrandingsmotor wordt beoordeeld.
Juist daarom vindt Red Bull dat de analyse van de ICE-rangorde uiterst nauwkeurig moet zijn. Volgens het team is de beschikbare informatie daarvoor momenteel onvoldoende overtuigend.
Naast Mercedes kwam ook Ferrari nadrukkelijk ter sprake na de race in Barcelona. Mekies wees op de sterke prestaties van het Italiaanse team, dat volgens hem een belangrijke stap vooruit heeft gezet.
Ferrari verscheen in Spanje met een omvangrijk updatepakket. Volgens Mekies was dat zichtbaar op de baan en droeg het bij aan de eerste overwinning van Lewis Hamilton voor Ferrari.
Hij benadrukte dat die prestatie niet alleen iets zegt over aerodynamische verbeteringen, maar ook over de kwaliteit van de Ferrari-powerunit. Daarmee introduceerde hij indirect nog een extra factor in de discussie over de werkelijke motorverhoudingen binnen de Formule 1.
Volgens Mekies was het gat tussen Mercedes en de achtervolgende teams de afgelopen races al kleiner geworden. Ferrari zou met zijn nieuwste pakket vervolgens een duidelijke volgende stap hebben gezet.
Dat Ferrari juist op een circuit als Barcelona wist te winnen, ziet hij als een aanwijzing voor de kwaliteit van zowel het chassis als de powerunit van de Scuderia.
“Dat ze een race winnen op een circuit als Barcelona zegt veel over de kwaliteit van het chassis en de motor.”
Krijg als eerste toegang tot het laatste Formule 1-nieuws