Max Verstappen lacht breed als hij het zegt: “Ik had dit niet meer verwacht.” Met nog twee races te gaan in het seizoen heeft de Nederlander plots weer zicht op de titel.
Waar hij halverwege het jaar dacht dat alles verloren was, bracht een reeks sterke weekenden én fouten van de concurrentie hem terug in de strijd. Toch blijft hij nuchter.
De voorsprong van Lando Norris bedraagt nog 24 punten, en Verstappen weet dat geluk ook een rol speelt. In het midden van het seizoen zag het er somber uit. Na de GP van Zandvoort keek Verstappen tegen een achterstand van ruim honderd punten aan.
“Ik dacht eerlijk gezegd dat het voorbij was,” vertelt hij. Maar de tweede seizoenshelft bracht een ommekeer. Red Bull kreeg de auto beter in balans, terwijl McLaren steken liet vallen.
“We begrepen de auto beter, we haalden het maximale uit sommige weekenden, en zij deden dat niet,” zegt hij. Die combinatie van verbetering en fouten bij de concurrentie bracht hem terug in de race. Toch blijft Verstappen realistisch.
“Vierentwintig punten is nog steeds veel. Zelfs als alles perfect loopt, heb je een beetje geluk nodig dat zij een slecht resultaat hebben.” Dat besef haalt de druk bij hem weg. “Ik heb niets te verliezen. We gaan gewoon voluit. Als het lukt, mooi. Als het niet lukt, dan niet.”
De onverwachte wending in Las Vegas
De diskwalificatie van Lando Norris en Oscar Piastri in Las Vegas gaf Verstappen plots een flinke bonus. Hij kreeg achttien punten cadeau en verkleinde zo de kloof met de kop. Toch was zijn eerste reactie verrassend koel.
“Het is beter dan 42 punten achterstand, maar ik had liever aan de leiding gestaan,” zegt hij met een glimlach. Belangrijker vond hij het gevoel van dat weekend.
Na weken van wisselende resultaten reed hij een sterke race in Sin City en voelde hij dat Red Bull weer in de juiste richting werkte. “We hadden een goed weekend. Dat gaf me vooral vertrouwen. En ja, het zorgt ervoor dat de kansen iets beter zijn.”
Volgens Verstappen ligt de sleutel tot Red Bulls comeback in het beter begrijpen van de auto. “We weten beter hoe we de afstelling moeten aanpakken,” legt hij uit. Toch blijft dat geen garantie voor succes.
“We bleven op sommige circuits worstelen, maar we hebben wel veel geleerd. In de tweede helft van het seizoen waren we constanter, al zat er nog altijd verschil tussen de circuits.”
Hij wijst erop dat het team ook in moeilijke weekenden het maximale eruit haalde. “We hebben met wat we hadden het best mogelijke resultaat behaald. Natuurlijk, achteraf kun je zeggen dat sommige dingen anders moesten, maar op dat moment deden we wat juist leek.”
Barcelona is het enige weekend waar hij echt spijt van heeft. Hij was gefrustreerd en liet dat te veel merken. “Ik had het anders moeten aanpakken,” zegt hij.
“We maakten vooraf al fouten, maar ik reageerde te fel. Dat komt omdat ik geef om wat ik doe. Ik had ook kunnen zeggen: laat maar, de race is verloren. Maar zo ben ik niet.”
Sebastian Vettel noemde hem onlangs in een podcast “een coureur die zelden fouten maakt onder druk”. Verstappen vindt dat treffend, maar zegt dat het niet iets is wat hij bewust heeft ontwikkeld.
“Ik denk dat ik dat altijd al had,” legt hij uit. “Natuurlijk word je beter met ervaring, maar je moet ook de juiste omgeving hebben. In 2021 vocht ik voor het eerst echt voor een titel, en toen wist ik: ik ben er klaar voor.”
Die ervaring kan hem nu helpen tegenover Norris en Piastri, die allebei voor hun eerste kampioenschap rijden. Toch weigert Verstappen zichzelf als favoriet te zien. “Ervaring helpt, ja. Maar 24 punten is veel, en het vraagt een fout van hun kant om er echt tussen te komen.”
Red Bull hield vol
Het seizoen was zwaar voor Red Bull. Er waren technische problemen, wisselende prestaties en een periode van interne onrust. Toch bleef het team volgens Verstappen vechten.
“We hebben moeilijke momenten gehad, maar niemand gaf op,” zegt hij. “Iedereen bleef zoeken naar oplossingen. Dat geeft vertrouwen.” Hij voelt zich persoonlijk betrokken bij dat proces.
Niet als leider in woorden, maar in daden. “Je moet altijd de beste versie van jezelf zijn. Ik kan niet zeggen: dit jaar was moeilijk, dus ik geef minder. Zo werkt het niet. Juist in moeilijke tijden moet je harder duwen. Op de simulator, in de fabriek, overal.”
Met het nieuwe motorproject van Red Bull in aantocht weet Verstappen dat er opnieuw een enorme uitdaging wacht. “Er zijn geen garanties,” zegt hij. “Met een nieuwe krachtbron wordt het een groot en zwaar jaar.
Maar ik vertrouw de mensen die eraan werken. Ze zijn slim en toegewijd.” Over de mogelijkheid om als vijfvoudig wereldkampioen dat nieuwe tijdperk in te gaan, blijft hij nuchter. “Als het lukt, geweldig.
Als niet, verandert dat mijn leven niet,” zegt hij. “We zitten in deze strijd deels door fouten van anderen. We hebben goed werk geleverd, maar als wij de dominante auto hadden gehad die zij hadden, was het kampioenschap al lang beslist geweest.”
Voor Verstappen maakt het geen verschil of hij voor de titel rijdt of voor een plek in het middenveld. Zijn inzet is altijd hetzelfde. “Ik geef altijd alles, wat er ook op het spel staat,” zegt hij rustig.
“Zelfs als ik twaalfde lig, kan ik mezelf niet toestaan om minder te geven. Dat zit niet in me.” Die mentaliteit maakt duidelijk waarom hij, ondanks de tegenslagen, opnieuw in de titelstrijd is beland. Hij kijkt niet achterom, rekent niet vooruit.