Een Formule 1-team runnen kost in 2026 tot wel $215 miljoen alleen al binnen het officiële budgetplafond. En tel je salarissen van coureurs, marketing en extra kosten mee, dan loopt het totaal richting $200 tot $250 miljoen per team.
Sinds een paar jaar werkt de FIA met een budgetplafond. Dat is ingevoerd om de kosten te beperken en de competitie eerlijker te maken. Voor 2026 ligt dat plafond op $215 miljoen per team.
Dat is een flinke stijging ten opzichte van eerdere jaren, toen het nog rond de $135 miljoen lag. Die sprong komt door inflatie, wisselkoersen en nieuwe regels. Dat plafond geldt niet voor alles.
Salarissen van coureurs en de drie best betaalde teamleden vallen er bijvoorbeeld buiten. Ook marketingkosten en bepaalde uitzonderingen worden niet meegerekend. Toch bepaalt dit bedrag grotendeels hoeveel een team maximaal kan investeren in prestaties.
Teams proberen dat plafond vaak volledig te benutten om competitief te blijven. Met 24 races op de kalender en nieuwe technische regels voor 2026 stijgen de kosten automatisch. Daardoor blijft het plafond eerder een richtlijn dan een beperking.
Een groot deel van het budget verdwijnt in personeel, techniek en reizen. Topteams werken met meer dan 1000 medewerkers, van monteurs tot engineers. De verdeling van kosten ziet er ongeveer zo uit:
| Categorie | Geschat bedrag (2026) | Uitleg |
|---|---|---|
| Personeel | $80 – 100 miljoen | Salarissen voor 1000+ medewerkers |
| Ontwikkeling auto/motor | $50 – 70 miljoen | Nieuwe regels vereisen extra ontwikkeling |
| Logistiek/reizen | $30 – 40 miljoen | 24 races wereldwijd |
| Productie/onderdelen | $20 – 30 miljoen | Onderdelen en tests |
| Overig (IT, simulators) | $20 – 30 miljoen | Faciliteiten en technologie |
Personeel is dus de grootste kostenpost. Dat is logisch, want achter elke auto staat een compleet team van specialisten. Daarnaast vraagt de ontwikkeling van de auto steeds meer geld.
Zeker met nieuwe regels, zoals die voor 2026, moeten teams flink investeren om bij te blijven. Logistiek is ook een dure factor. Het hele team reist de wereld over, inclusief auto’s, onderdelen en apparatuur.
Elke extra race voegt ongeveer $1,8 miljoen toe aan de kosten. Niet alle uitgaven vallen onder het plafond. Dat maakt het totale plaatje nog groter. Coureurs verdienen vaak tussen de $20 en $50 miljoen per jaar bij topteams.
Dat bedrag komt dus bovenop het budgetplafond. Ook marketing en sponsoring kosten tientallen miljoenen. Denk aan evenementen, branding en samenwerkingen met partners.
Daardoor komt het echte totaal voor een topteam uit op ongeveer $200 tot $250 miljoen per seizoen. Dat is inclusief alle extra posten. Het opvallende is dat teams ondanks die enorme bedragen vaak weinig winst maken.
De kosten blijven namelijk stijgen. Dat zie je goed bij Red Bull Racing, waar inkomsten en uitgaven dicht bij elkaar liggen.
Hoe teams hun Formule 1-seizoen financieren
Teams verdienen hun geld via meerdere bronnen. Zonder die inkomsten zou het onmogelijk zijn om een seizoen te draaien. De belangrijkste inkomstenstromen:
| Bron | Bedrag |
|---|---|
| Prijzengeld | ± $125 miljoen |
| Sponsoring | $50 – 100 miljoen+ |
| Eigenaren/investeerders | $50 – 200 miljoen |
Prijzengeld wordt verdeeld op basis van prestaties. Hoe beter je eindigt, hoe meer je krijgt. Sponsoring is de laatste jaren sterk gegroeid. Door de populariteit van de Formule 1 staan bedrijven in de rij om zichtbaar te zijn.

Daarnaast investeren eigenaren vaak extra geld. Dat helpt teams om het maximale uit hun budget te halen. Toch blijft winst maken lastig. De kosten groeien vaak net zo hard als de inkomsten.
Een goed voorbeeld is Red Bull Racing. In 2024 draaide het team een omzet van ruim $400 miljoen. Dat klinkt indrukwekkend. Maar onder de streep bleef er slechts ongeveer $2 miljoen winst over. Hoe dat kan? De kosten zijn enorm:
- Meer dan $80 miljoen voor personeel
- Ongeveer $60 miljoen voor ontwikkeling
- Tientallen miljoenen voor reizen en logistiek
Zelfs met zo’n hoge omzet slokken die uitgaven bijna alles op. Voor 2026 geeft het hogere budgetplafond iets meer ruimte. Teams kunnen bijvoorbeeld investeren in extra personeel of ontwikkeling.
Toch blijft de druk hoog. Nieuwe motorregels en technische veranderingen zorgen voor extra kosten. Voor 2027 zijn nog geen exacte cijfers bekend, maar een verdere stijging ligt voor de hand. Inflatie blijft een rol spelen.
Daarnaast groeit de kalender mogelijk verder, wat automatisch meer kosten betekent. Teams zullen waarschijnlijk opnieuw het maximale budget gebruiken om competitief te blijven. Dat hoort bij de sport.
Nieuwe fabrikanten zoals Audi laten zien dat de instapdrempel hoog blijft, maar nog steeds aantrekkelijk genoeg is. De verwachting is dat inkomsten ook blijven stijgen.
Sponsoring en mediarechten groeien mee met de populariteit van de Formule 1. Maar één ding verandert niet: het blijft een sport waarin enorme bedragen nodig zijn om mee te doen.