Lewis Hamilton staat anno 2025 fier bovenaan met 105 overwinningen, 104 pole positions en zeven wereldtitels. Daarmee heeft hij iconen als Michael Schumacher en Juan Manuel Fangio niet alleen geëvenaard, maar in sommige statistieken ver achter zich gelaten.
In dit overzicht duiken we in de cijfers, de context en de verhalen achter deze records. We kijken naar de absolute toppers, de iconen van eerdere decennia, en de namen die nu al in de startblokken staan om geschiedenis te schrijven.
Het record voor meeste Grand Prix-zeges is in handen van Lewis Hamilton met 105 overwinningen. Hij verbrak in 2020 het oude record van Michael Schumacher (91 zeges) en breidde zijn voorsprong sindsdien gestaag uit.
- Hamilton behaalde zijn overwinningen in de periode 2007–2025, met een winpercentage van 28,38%.
- Schumacher, actief van 1991–2006 en 2010–2012, had een iets hoger percentage (29,55%), maar minder starts.
- Max Verstappen staat derde met 65 zeges sinds zijn debuut in 2015. Met een percentage van 29,15% is hij de meest dominante coureur van het huidige tijdperk.
“In deze sport gaat het niet alleen om snelheid, maar ook om het vermogen om jaar na jaar te presteren,” – Lewis Hamilton
Andere grote namen in de top 5 zijn Sebastian Vettel (53 zeges) en Alain Prost (51 zeges). Fernando Alonso, nog steeds actief, won 32 keer, maar zijn laatste overwinning dateert van 2013.
Meeste pole positions aller tijden
Kwalificatiekracht is een vak apart, en ook hier is Hamilton recordhouder. Met 104 pole positions heeft hij een enorme voorsprong op de rest. Zijn dominante periode viel samen met de Mercedes-hybridejaren, waarin hij vrijwel onverslaanbaar was op zaterdag.
- Ayrton Senna blijft een legende met 65 poles, ondanks zijn tragische overlijden in 1994.
- Michael Schumacher staat op 68, Verstappen op 41.
- Uit de nieuwe generatie zijn Lando Norris (13) en Oscar Piastri (4) de namen om in de gaten te houden.

Hamiltons kwalificatievermogen hielp hem vaak aan strategisch voordeel op zondag, waardoor zijn records in wins en poles nauw met elkaar verbonden zijn.
Het record voor meeste wereldtitels wordt gedeeld door Hamilton en Schumacher, met ieder zeven kampioenschappen.
- Hamilton: 2008 (McLaren), 2014–15, 2017–20 (Mercedes)
- Schumacher: 1994–95 (Benetton), 2000–04 (Ferrari)
- Juan Manuel Fangio: 5 titels in de jaren ’50
- Alain Prost, Sebastian Vettel en Max Verstappen hebben er elk vier.
Verstappen’s vier titels (2021–24, Red Bull) kwamen in een reeks van ongekende dominantie. Met zijn leeftijd en vorm kan hij de komende jaren gevaarlijk dicht bij het record komen.
Records per decennium: van Fangio tot Verstappen
Elke generatie kende zijn eigen recordbreker:
- 1950s – Fangio: 24 zeges
- 1960s – Jim Clark: 25 zeges
- 1970s – Niki Lauda: 17 zeges
- 1980s – Ayrton Senna: 35 zeges
- 1990s – Michael Schumacher: 33 zeges
- 2000s – Schumacher: 56 zeges
- 2010s – Hamilton: 73 zeges
- 2020s – Verstappen: meer dan 40 (lopend)
Deze verschuivingen laten zien hoe auto’s, regels en coureurs samen een tijdperk definiëren. Records zijn er om gebroken te worden, en de huidige generatie heeft meerdere kandidaten:
- Verstappen kan het record pakken voor meeste zeges bij één team (Red Bull).
- Hamilton, nu bij Ferrari, jaagt nog steeds op een achtste wereldtitel.
- Oscar Piastri kan het puntenrecord in opeenvolgende races aanvallen.
- Kimi Antonelli (Mercedes) maakt kans op jongste winnaar én jongste pole-sitter ooit.
De Formule 1 blijft in beweging, maar sommige namen – Hamilton, Schumacher, Senna – zullen altijd in de geschiedenisboeken blijven staan. De vraag is vooral: wie voegt zich daar als volgende bij?