De Italiaanse Grand Prix draaide niet alleen om snelheid, maar vooral om de teamorders die McLaren in de slotfase uitvaardigde. Oscar Piastri moest Lando Norris voorbij laten, en dat besluit zorgde voor verhitte discussies.
Oud-F1-baas Bernie Ecclestone ziet er zelfs een duidelijke voorkeur van McLaren in voor hun Britse stercoureur. De situatie ontstond na de pitstops. Piastri kwam als eerste binnen, omdat McLaren de aanval van Charles Leclerc wilde afdekken.
Norris volgde één ronde later, maar verloor tijd door een probleem met zijn linker voorband. Daardoor kwam hij achter zijn teamgenoot terecht.
Omdat Norris die plek enkel verloor door een fout van de monteurs, besloot McLaren dat Piastri zijn positie moest opofferen. Voor het team voelde dat “eerlijk”, maar buiten de pitmuur klonk een ander geluid.
Voormalig McLaren-coureur David Coulthard bestempelde de keuze als “manipulatie van het resultaat”. Ook Sky F1-commentator Martin Brundle gaf zijn mening.
Hij vond dat het niet eerlijk was de coureurs streng te beoordelen, omdat elk team uiteindelijk een harmonieuze combinatie wil. Het waren woorden die duidelijk maakten hoe verdeeld de paddock reageerde.
Ecclestone prikt door de façade
Bernie Ecclestone, die de Formule 1 meer dan veertig jaar leidde en pas in 2017 het stokje overdroeg aan Liberty Media, liet in Monza zijn licht schijnen over de kwestie.
“Ze blijven maar praten over eerlijkheid. Maar is het eerlijk dat Piastri gestraft wordt voor een teamfout? Nee.”
De Brit ging nog een stap verder en zag in de beslissing een onderliggende voorkeur binnen McLaren.
“Je krijgt langzaam het gevoel dat McLaren liever een wereldkampioen Lando Norris ziet. Fouten zoals gemiste pitstops, motorproblemen en ophangingspech komen minder vaak voor, maar ze horen bij de sport.”
Met die woorden wees hij erop dat pech nu eenmaal deel uitmaakt van racen en niet ten koste mag gaan van de kansen van de coureurs zelf.
Het teamorder-incident krijgt extra lading omdat de titelstrijd bijzonder spannend is. Met nog acht races te gaan, bedraagt het verschil tussen Norris en Piastri slechts 31 punten. Dat gat lijkt groot, maar dit seizoen toonde al hoe snel de balans kan verschuiven.
Sinds Saudi-Arabië stond Piastri bovenaan in het klassement, nadat hij eerder nog een achterstand van 23 punten had weggewerkt. Het besluit in Monza kan dus grote gevolgen hebben voor de onderlinge verhoudingen binnen het team én voor de wereldtitelstrijd.
Dat McLaren zijn Britse publiekslieveling mogelijk een duwtje in de rug geeft, zal de gemoederen niet snel bedaren. Voor Norris kan het een extra opstap zijn in zijn jacht op de titel, maar voor Piastri voelt het ongetwijfeld als een verlies buiten zijn schuld.
De woorden van Ecclestone maken duidelijk dat de kwestie groter is dan alleen één race. Het raakt aan de kern van sportieve eerlijkheid in de Formule 1, en die discussie zal met het oplopen van de spanning alleen maar verder aanwakkeren.
In Monza ging de overwinning niet naar McLaren, maar de strijd om de macht binnen het team leverde minstens zoveel stof tot praten op. Ecclestone maakte daarbij zijn punt: teamorders of niet, voor hem straft McLaren een coureur voor een fout die hij zelf niet maakte.