De kritiek op de Formule 1-regels van 2026 leek in Miami even weg te ebben, maar Alonso gelooft daar opvallend weinig van. Achter de positievere reacties op het weekend in Florida ziet de Spanjaard namelijk exact hetzelfde probleem terugkomen dat eerder al voor frustratie zorgde.
De FIA greep voorafgaand aan het raceweekend in Miami in met meerdere aanpassingen aan de nieuwe powerunit-regels, vooral om de kwalificaties spectaculairder te maken.
Toch denkt Alonso dat de sport zichzelf rijk rekent zolang er niet opnieuw op circuits als Suzuka of China wordt gereden. De eerste drie raceweekenden van het seizoen leverden stevige kritiek op vanuit fans en analisten.
Vooral tijdens de kwalificaties ontstond veel irritatie over het zichtbare ‘superclipping’, het afremmen op rechte stukken en het terugschakelen op delen van het circuit die eerder vol gas werden genomen.
Voor de Grand Prix van Miami besloot de FIA daarom meerdere onderdelen van het reglement aan te passen. De focus lag daarbij nadrukkelijk op het verbeteren van de kwalificaties, omdat juist daar de nieuwe generatie powerunits voor onnatuurlijke situaties zorgde.
Na Miami klonk de stemming meteen positiever. Toch zag Alonso een belangrijk detail dat volgens hem te weinig aandacht kreeg. Het circuit in Miami vraagt namelijk minder van de powerunits dan de banen waar eerder werd gereden.
Dat maakt een eerlijke vergelijking volgens hem bijna onmogelijk. De Aston Martin-coureur stelde daarom openlijk de vraag of de verbeteringen wel zo groot zijn als sommige mensen nu suggereren.
“Ik denk eerlijk gezegd dat het heel vergelijkbaar voelde,” zei Alonso na afloop van het weekend. Daarmee gooide hij direct koud water over het optimisme dat na Miami ontstond.
“Ik denk niet dat we in Suzuka zo’n grote verandering zouden zien als verwacht.”
Volgens Alonso moet de Formule 1 eerst terugkeren naar dezelfde circuits voordat er echt conclusies getrokken kunnen worden. Vooral Suzuka noemde hij daarbij expliciet als voorbeeld.
Alonso legde uitgebreid uit waarom Miami volgens hem een vertekend beeld gaf van de situatie. Op het circuit in Florida verliezen auto’s volgens hem wel snelheid op de rechte stukken door de verschillende drag-reductie-elementen, maar gebeurt dat minder extreem dan op andere circuits.
Hij wees daarbij specifiek naar Suzuka en China. Op die banen krijgen auto’s veel meer laterale belasting te verwerken, terwijl ook de rolweerstand groter wordt. Daardoor ontstaan juist daar de problemen die de sport probeerde aan te pakken.
De Spanjaard gebruikte de beroemde 130R-bocht van Suzuka als voorbeeld van een plek waar de nieuwe regels nog steeds voor vreemde situaties kunnen zorgen. Volgens hem blijft het energiebeheer daar dominant aanwezig.
Alonso denkt daarom niet dat de FIA het fundamentele probleem al heeft opgelost. De nieuwe powerunits blijven volgens hem namelijk dezelfde rijstijl belonen.
“Deze powerunits zullen altijd langzaam rijden in de bochten belonen,” waarschuwde Alonso. Daarmee verwees hij naar de noodzaak om energie te sparen voor de rechte stukken.
Hij legde uit dat teams, ongeacht hun strategie of clipping-aanpak, energie moeten bewaren op de rechte stukken. Daardoor worden coureurs automatisch gedwongen om snelheid op te offeren in de bochten.
“Je hebt de energie nodig op de rechte stukken.”
Die uitspraak raakt volgens veel teams precies de kern van het probleem waar de Formule 1 nu mee worstelt. De auto’s worden sneller op papier, maar voelen voor coureurs op sommige momenten onnatuurlijk aan.
Aston Martin blijft worstelen ondanks kleine stap vooruit
Naast de discussie over de regels kreeg Alonso ook vragen over Aston Martin zelf. Daaruit bleek dat het team ondanks enkele verbeteringen nog steeds flink achterloopt tijdens kwalificaties.
De Spanjaard schetste een pijnlijk beeld van de huidige situatie. Volgens hem stond de zeventiende plaats in de kwalificatie nog altijd ongeveer één seconde voor Aston Martin. Daarmee maakte Alonso duidelijk hoe groot de achterstand momenteel is.
De aangepaste FIA-regels hebben volgens hem dus niet ineens voor een ommekeer gezorgd bij zijn team. Toch zag hij één belangrijk positief punt na Miami. Vooral op het gebied van betrouwbaarheid lijkt Aston Martin eindelijk vooruitgang te boeken.
De vibraties waar het team eerder mee kampte, lijken grotendeels onder controle. Alonso noemde dat zelfs het belangrijkste positieve aspect van het weekend. “De betrouwbaarheid en de vibraties zijn veel beter dan hiervoor,” onthulde hij.
Volgens de tweevoudig wereldkampioen gedraagt de auto zich eindelijk weer normaal. De woorden van Alonso maken duidelijk dat de discussie over de nieuwe regels nog lang niet voorbij is. Hoewel Miami voor een positievere sfeer zorgde, denkt hij dat de sport mogelijk een verkeerde conclusie trekt.
Vooral de verschillen tussen circuits spelen daarin een grote rol. Een baan als Miami legt volgens hem simpelweg minder nadruk op de zwakke plekken van de nieuwe powerunits.
Daardoor blijft volgens Alonso onduidelijk of de FIA de kern van het probleem daadwerkelijk heeft geraakt. Pas wanneer de Formule 1 terugkeert naar circuits waar energiebeheer extreem belangrijk is, ontstaat er volgens hem een eerlijk beeld.