Cadillac komt sneller dan verwacht uit de startblokken, maar botst tegelijk op een pijnlijk duidelijk probleem: de auto mist simpelweg snelheid om mee te doen met het middenveld. Na drie races ligt de achterstand structureel rond een seconde per ronde, en dat zet meteen druk op het team.
De eerste resultaten ogen bemoedigend aan de oppervlakte, maar onder de cijfers schuilt een hardnekkig prestatieverschil dat niet vanzelf verdwijnt. Zeker nu Sergio Pérez openlijk erkent hoe groot de stap nog is.
De cijfers uit Australië, China en Japan laten weinig ruimte voor interpretatie. Cadillac zit consequent zo’n 1 tot 1,2 seconde per ronde achter de snelste middenveldteams, wat neerkomt op een achterstand van ongeveer 4 tot 5 procent.
In Australië bedroeg het verschil 5,2 procent, in China 4,7 procent. Beide keren bleef het team ruim binnen de 107%-regel, maar tegelijkertijd ook duidelijk buiten bereik van de puntenposities.
De resultaten onderstrepen dat beeld. In Australië eindigde Pérez als zestiende en viel Bottas uit. In China wist Bottas nog naar de dertiende plaats te rijden, terwijl Pérez vijftiende werd. In Japan bleef het team hangen in het lagere middenveld, ondanks lichte vooruitgang in de kwalificatie.
Tijdens de Japanse Grand Prix werd het verschil nog concreter. Pérez finishte als zeventiende en bleef slechts dankzij een safety car-periode in dezelfde ronde als de kopgroep. Zonder dat moment was de achterstand nog groter geweest.
Vanaf de herstart na de safety car verloor hij ongeveer een seconde per ronde op Carlos Sainz en Franco Colapinto. Uiteindelijk kwam hij 27 seconden tekort op dat duo, wat het structurele tempoverlies pijnlijk zichtbaar maakte.
Volgens Pérez ligt de kern van het probleem niet bij de balans van de auto, maar bij een gebrek aan neerwaartse druk. De auto mist grip, vooral in bochten en snelle secties, en dat kost direct rondetijd.
“Ik denk dat het duidelijk is dat we nu een seconde nodig hebben. Ik hoop echt dat we een grote upgrade naar Miami brengen. Dat wordt de grootste test voor het team.”
Hij maakt daarbij een belangrijk onderscheid. De auto voelt niet instabiel of onvoorspelbaar, maar simpelweg te ‘licht’ qua downforce. Dat betekent minder grip en dus lagere snelheden in cruciale delen van het circuit.
“Er zijn veel gebieden om te verbeteren, maar op dit moment is de belangrijkste load. Daar missen we het meeste. De balans is niet zo slecht, maar we missen gewoon load.”
Dat verklaart ook waarom Cadillac op rechte stukken minder verliest. Met de Ferrari-powerunit blijft het team daar redelijk in de buurt, maar zodra het circuit draait en technische secties volgen, loopt het verschil snel op.
Nieuw team betaalt leergeld
Naast het aerodynamische tekort spelen ook structurele factoren mee. Cadillac is een nieuw team in een compleet nieuw reglement voor 2026, met een andere chassisfilosofie en meer nadruk op energiebeheer.
Dat betekent dat vrijwel alles vanaf nul is opgebouwd. In tegenstelling tot teams die bestaande concepten kopiëren of inkopen, ontwikkelt Cadillac veel onderdelen zelf. Dat kost tijd en leidt onvermijdelijk tot kinderziektes.
Die problemen kwamen in de eerste races ook naar voren. Er waren issues met systemen, waaronder brandstofdruk en software, en ook kleine fouten in procedures. Elk van die factoren kost rondetijd en beperkt de hoeveelheid bruikbare data.
Pérez wijst ook op verschillen in energiegebruik tussen teams. Tijdens races zag hij dat concurrenten hun systemen anders inzetten, wat hen een extra voordeel gaf.
“Ik zag dat ze hun deployment anders gebruikten dan wij. Dat is iets waar we aan moeten werken.”
Het gevolg is een kettingreactie: minder performance leidt tot minder competitieve runs, wat weer minder data oplevert, waardoor ontwikkeling trager verloopt.
Ondanks de duidelijke achterstand ziet Pérez wel vooruitgang. In Japan verliep voor het eerst een weekend grotendeels zonder grote complicaties, afgezien van een probleem met deployment in de kwalificatie.
“We maken elke Grand Prix stappen. Dit was de eerste race waarin alles min of meer soepel ging.”
Ook in de kwalificatie is er een klein lichtpunt. In Suzuka wisten beide Cadillac-auto’s zich voor de Aston Martin’s van Fernando Alonso en Lance Stroll te plaatsen. Dat wijst erop dat de basis van het chassis klopt.
Maar in de race verdwijnt dat voordeel weer door het gebrek aan downforce en consistente snelheid. De auto kan het tempo simpelweg niet vasthouden over langere stints.
Daarom verschuift de aandacht nu volledig naar Miami. Daar komt een groot upgradepakket, dat volgens Pérez bepalend wordt voor de rest van het seizoen.
“We brengen een upgrade naar Miami, en dat wordt de grootste test voor ons.”