Wat begon als een interpretatieverschil groeide uit tot een officiële reglementswijziging. Volgens oud-coureur David Coulthard had dat voorkomen kunnen worden als de FIA haar regels strakker had geformuleerd.
De Formule 1 is in 2026 gestart met een volledig nieuw tijdperk voor zowel chassis als powerunits. De nieuwe motorregels moesten zorgen voor een frisse technische basis, maar leverden vrijwel direct discussie op.
Dit jaar is de maximale geometrische compressieverhouding teruggebracht van 18:1 naar 16:1, gemeten onder zogenaamde “ambient”-omstandigheden.
Dat betekent dat de meting plaatsvindt wanneer de motor op omgevingstemperatuur is en niet op bedrijfstemperatuur. Volgens berichten heeft Mercedes echter een manier gevonden om, zodra de motor op temperatuur draait, de verhouding alsnog naar 18:1 te brengen.
Omdat de oorspronkelijke meting alleen in statische omstandigheden werd uitgevoerd, kon de powerunit bij operationele temperatuur een hogere compressieverhouding bereiken. Dat leverde volgens de claims niet alleen een prestatiewinst op, maar ook een voordeel in brandstofverbruik.
Andere powerunitfabrikanten – Ferrari, Audi, Red Bull Powertrains en Honda – wilden voorkomen dat Mercedes via deze interpretatie een structureel voordeel zou behouden. Zij drongen aan op ingrijpen.
De FIA startte daarop een e-vote om de situatie te beoordelen. Die procedure leidde tot een wijziging van de formulering in het technisch reglement.
De federatie maakte bekend dat naast de meting bij omgevingstemperatuur ook een meting bij 130 graden Celsius verplicht wordt. Daarmee moet worden uitgesloten dat de compressieverhouding in operationele omstandigheden boven de 16,0 uitkomt.
Deze wijziging treedt echter pas halverwege het seizoen in werking.
De aangepaste reglementstekst
Artikel C5.4.3 van het technisch reglement luidt nu als volgt:
– Geen enkele cilinder, zoals bedoeld in artikel C5.1.3, van de motor mag een geometrische compressieverhouding hebben hoger dan 16,0, gemeten onder de volgende omstandigheden:
– Tot en met 31 mei 2026: wanneer de motor op omgevingstemperatuur is.
– Van 1 juni 2026 tot en met 31 december 2026: wanneer de motor op omgevingstemperatuur is én wanneer de motor een temperatuur van 130 graden Celsius heeft bereikt.
Elk onderdeel, samenstel, mechanisme of geïntegreerde configuratie die ontworpen is of functioneert om de compressieverhouding onder operationele omstandigheden boven 16,0 te verhogen, is verboden.
Daarnaast bepaalt het artikel dat de procedure om naleving te controleren door elke powerunitfabrikant moet worden vastgelegd volgens de instructies in document FIA-F1-DOC-042.
Die procedure moet worden goedgekeurd door de technische afdeling van de FIA en worden opgenomen in het homologatiedossier van de fabrikant. Na weken van overleg en gesprekken achter gesloten deuren werd de kwestie uiteindelijk opgelost.
David Coulthard stelt echter dat de situatie voorkomen had kunnen worden. In de podcast Up to Speed wijst hij op de rol van de FIA als regelgevende instantie.
Hij merkt op dat de federatie zelf heeft aangegeven dat slechts ongeveer twintig mensen de regels schrijven, terwijl Formule 1-teams honderden medewerkers inzetten om elk detail te analyseren.
Volgens Coulthard had de FIA beter moeten nadenken over het werkelijke operationele venster. Hij benadrukt dat een auto niet in een garage op omgevingstemperatuur functioneert, maar op de baan, waar de motor rond de 110 graden draait en onderdelen extreem heet worden, met remmen die meer dan 1000 graden kunnen bereiken.
In zijn visie hadden de regels ontworpen moeten worden op basis van die realiteit, en niet op basis van statische testomstandigheden.
De grijze gebieden
De FIA staat bij elke nieuwe reglementsperiode voor dezelfde uitdaging. Teams beschikken over de beste technische specialisten ter wereld en zoeken actief naar grijze gebieden in de regelgeving.
Dat is volgens sommigen onderdeel van de sport. Innovatie binnen de grenzen van de regels wordt vaak gezien als een kernwaarde van de Formule 1.
James Vowles, teambaas van Williams – een team dat met Mercedes-powerunits rijdt – sprak zich tijdens de wintertests uit over de kwestie. Hij benadrukte dat de sport een meritocratie moet blijven, waarin de beste technische oplossing wordt beloond met resultaten en niet wordt bestraft.
Volgens Vowles zijn rivalen mogelijk gefrustreerd dat zij niet hebben bereikt wat Mercedes wel heeft bereikt, maar hij waarschuwt dat niemand in de pitstraat precies kan aangeven wat de beste oplossing is.
Hij hoopt dat gezond verstand prevaleert en dat de sport erkent dat de beste engineering uiteindelijk moet winnen. Opvallend is dat de aangepaste formulering pas vanaf 1 juni 2026 van kracht wordt. Tot en met 31 mei geldt uitsluitend de meting bij omgevingstemperatuur.
Daarmee blijft er een periode aan het begin van het seizoen waarin de oorspronkelijke interpretatie van toepassing is. Pas daarna wordt ook de meting bij 130 graden Celsius verplicht.
De saga rond de compressieverhouding toont aan hoe gevoelig de balans is tussen technische vrijheid en strikte controle. Eén zinsnede in het reglement bleek voldoende om een compleet motorenconflict te ontketenen – en dwong de FIA tot een formele aanpassing van artikel C5.4.3 midden in het seizoen 2026.